Jaar: 2013

Parkinson

Het weer miezert er weer eens vrolijk op los. Waarschijnlijk omdat het weer weer eens niets beters te doen heeft. Nu weet ik wel dat je in januari geen hoog gespannen verwachtingen mag koesteren, maar een zonnetje zo af en toe, zou ik hogelijk op prijs stellen. Want d berichten liegen er niet om: die 18 miljard zal, hoe dan ook, op tafel komen. Dus belastingen omhoog, meer doen met minder middelen, de balken raken nog steeds niet de einder, en de lasten zullen we samen delen. Juist dan komen de verhalen: over sterke schouders, de collectiviteit, de saamhorigheid en de grote zak onder de noemer van de samenleving. Het egoisme tegenover het slinkende altruisme, de overlevers tegenover de verlorenen. En in die brij wordt het moeilijk zoeken. Geen wonder dat er aantallen zijn, die volkomen de kluts zijn kwijtgeraakt. Die zich, in arren moede, bij de situatie hebben neergelegd dan wel in afwachting zijn van het vallen van het zwaard. 2013.en het concreet ervaren van de abstractie van en getal. Noem wat, 18 miljard. Een overheid die zich richt op het vullen der gaten. Want ook zij ziet zich geplaatst voor een onnoembaar probleem. Niet in de grootte van de VS, maar meer in de afgeleide daarvan: de Verenigde Staten van Europa. Het onderscheid van Neuro en Zeuro. Het feit dat er een nieuw vijfje in de maak is. Met nog meer foefjes om de valsemunterij tegen te gaan. Biljetten die straks weer in de zakken verdwijnen van de toonder. Over Toonder niets dan goeds. Want laten we wel zijn, zou dit niet zijn dan zou ook ik er niet zijn. Ben er nog!
Een avond met een begeesterd man. Een man die een reis van ontmoetingen achter de rug heeft. Gelijk de Ilias vol vuur die reis aan ons beschreef. Een man die zich mocht bekommeren omtrent het leven van de zusters Ursulinen. En zijn presentatie begon met de dood van een van hen. Hen mocht portretteren, nadat hij zich had verantwoord. In een tijd dat verantwoording geregeld onderdruk is komen staan. Zowel in het grote als het kleine. Waarbij de eer er geregeld bij inschiet. Of mogelijk erbij inschoot. Maar dat blijft een veronderstelling mijnerzijds.
Een portret is mij bijzonder bijgebleven. Een portret van een vrouw, lijdend aan de ziekte van Parkinson. Waarbij de expressie was teruggebracht tot haar ogen; zij liet zien dat haar leven valt terug te lezen door naar haar ogen te kijken. Zij keek ver weg en was gelijktijdig dichtbij. Een contradictie dat iets weergeeft van het moment wat de fotograaf wist te vangen. Ontroerend, vooral door het feit dat zij niet meer kon praten. En dan toch praat, of liever gezegd weet te communiceren.
Zo’n avond. Een avond om even bij stil te staan. En dat stilstaan doe ik bij deze…