Een plekje van…
Het heet HET BOEK. Een eenvoudige titel. Gedateerd augustus 1989. De titelpagina luidt als volgt: “De helft van jullie ken ik niet half zo goed als ik wel zou willen, en van minder dan de helft van jullie houd ik half zoveel als jullie verdienen.” Woorden van J.R.R. Tolkien, te vinden in ‘De ban van de ring.’ De laatste groep ‘oude stijl.’ Het einde van een tijdperk. Wanneer ik nu de namen lees, worden herinneringen levend. Aan de opleiding. Aan de momenten die zich toen voordeden. De verbouwing van het lescentrum en de tijdelijke opvang op Kinnehin. Vrouwen III en tegenwoordig de residentie Prinses zu Wied. Waar ooit de meest krankzinnigen werden onder gebracht. Afgeschreven vrouwen in zekere zin. Waar de badverpleging werd toegepast. En waar debielen, imbecielen en idioten werden verpleegd. De rest werd aangevuld met alle gradaties van dementie. Waar de slaapzalen vele bedden kenden, de dagelijkse wasbeurt met veel lawaai gepaard ging en de nachtdiensten zich overijverig manifesteerden. Waar de medicijnrondes een belangrijk deel van de onrust wegnamen. En waar het eten in gamellen werd aangeleverd, om niet veel later in schalen te worden geportioneerd. Waar verpleegkundigen en leerling verpleegkundigen werden opgeleid. En waar de hoofdverpleegkundige Henk Schenk de scepter zwaaide. Vrouwen III, het einde van het terrein, waardoor de zwaarte en het lawaai dat zich voordeed zover mogelijk vanaf de toegangspoort zich manifesteerde. Waar het paviljoen Prof. van der Scheer een vergelijkbare mannelijke populatie kende…

Boeken van Karl May, sneltreinspaarboekjes van Ellen en Marlies waar wij trouw op spaarden. Beginstation van Opa en Oma Bregman, 250 gulden en een wagonnetje van de NMS spaarbank. Met de hand ingevuld. Verleden tijd, zoals de dag van gisteren vandaag alweer in het verleden vertoeft. Terwijl ik terug ga naar eergisteren. De toer door Nederland mocht meemaken. En een aantal verkeersborden tegenkwam. Juist vandaag aandacht wil besteden aan die verkeersborden. Om het verleden als het ware te eren. Om even stil te staan bij een moment, gelijk dat boek mijn verleden weet op te rakelen. ‘Geen verleden zonder heden, zonder heden rest verleden’, woorden die in mij opborrelden toen mijn moeder aankondigde de volgende dag te zijn overleden. Haar verzoek om actieve euthanasie zou worden opgevolgd. Zij had zich die woensdag niet gewassen, wel opgemaakt. De koffie met de gevulde koek van A.C. De Boer liet zij zich goed smaken. Zij dronk koffie om zich een koek te kunnen permitteren. Gelijk zij haar leven lang met lijnen in de weer was. Vergat in de regel dat ieder pondje door het mondje kwam…
Een plekje van herinnering. Cor Druif die jarenlang de achterkant van het personeelsblad van Duin & Bosch illustreerde. Tot… ik het een jaar van hem overnam. Gedicht en de tekening van Henk Jan Rentenaar pas reacties opriep toen deze rubriek was verdwenen. En dan nu het boekwerk Rafels. Het zijn juist die flarden die een rol spelen. Plekjes van herinnering die in de loop der tijd zijn verdwenen. Tot dit moment: ze borrelen op voor ze weer verdwijnen…

Laatste 15 Reacties