Columnisten (niet van Katan!)
COLUMNISTEN, omdat ze er zijn!
Het zijn vaak de omstandigheden die een belangrijk deel van het lot van de mens bepalen. Vaak wordt het woord toeval gebruikt, maar met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid valt dit woord uit de toon, wanneer de omstandigheid zich voordoet. Het is een kwestie van bekijken, de invalshoek waaronder gebeurtenissen plaatsvinden en ontmoetingen zich voordoen. Het gaat in de regel vaak om die ontmoeting, die niet geplande samenloop waarbij de omstandigheid als zodanig die rol gaat spelen. Want dat het ergens op voorhand vastligt, is voor mij een zekerheid die er ook dit keer niet om liegt. Hoewel ook ik niet in mijn eerste leugen gebleven ben. Want stel je nu eens voor dat ik aankomende zondag de gelegenheid te baat neem om mij te gaan verpozen met het schrijven van een column. Dan is de eerste vraag waar mijn column over zou moeten gaan. Nu kan de omgeving, het gebouw van de Alkmaarsche Courant een opstapje zijn naar de woorden die ik onderweg tegenkom. De nog niet vaststaande ontmoetingen met mensen die, door hun achtergrond en de reikwijdte van hun brein, in staat zijn om iedere dag van de week een detail van hun leven naar voren te brengen en hun goedbedoelde raad dan wel hun idee over een bepaald deel van het menselijk zijn zodanig te formuleren, dan nog is het de vraag in hoeverre de woorden die zij tot hun beschikking hebben zich in een zodanige volgorde manifesteren dat de gemiddelde leek zich mogelijk een glimlach laat ontlokken. Of desnoods een frons. Of dat er klare wijn wordt geschonken door te lezen dat een simpele gedachte door een veelvoud aan mensen wordt gedeeld. Maar dit de schrijver veelal ontgaat omdat deze wordt geconfronteerd met een grote anonieme lezerskring. Waarbij een enkeling gebruik wenst te maken om een reactie aan de columnist is kwestie te doen toekomen. Behalve dan op een dag als vandaag, deze zondag de dertiende. En neem nu een week als deze. De afgelopen week. ‘BEGRIJPEN IS GRIP KRIJGEN’, stelt Rene Diekstra, om te beginnen met de volgende regel: ‘Het einde van de zomer vervult me altijd weer met een diep gevoel van weemoed.’ Om dan te eindigen met de woorden: ‘Want begrijp je iets beter, dan krijg je er vaak ook meer grip op.’ Hij verzorgt de column op maandag. Op dinsdag neemt Rob van Vuure het stokje over. MENEER WILSTRA. ‘ Opsporing verzocht: de heer Kick Wilstra.’ En eindigend met de woorden: ‘Kop deze voorzet in! Laat ons juichen! Desnoods pas eind januari, in de allerlaatste minuut, wat u in uw voetbalcarriere zo vaak hebt gedaan.’ Op woensdag is daar het schokkende bericht dat Joost Zwagerman de hand aan zichzelf heeft geslagen. Zelfmoord. ‘Door eigen hand’, doet Fred Hoogendoorn hier verslag van. Fred die nog geen eigen column heeft, journalist in hart en nieren, die de stadsregering van Alkmaar fileert en de handel en wandel van dit huidige college niet alleen onder een vergrootglas heeft uitgeplozen, maar ook getuigt van een integriteit die er niet om liegt. Althans, dat is wat ik uit zijn teksten opmaak. Maar wie ben ik” Die ongekende, anonieme lezer. De woensdag is voor Joost. Die andere Joost: Prinsen. De samenloop die zich ook op dit moment voordoet. ZES MAN.’We waren met zes man. Eigenlijk met zeven. Eindigend met de woorden: ‘De dokter leeft nog, de acteur ook. En misschien leeft die ene jongen nog die we nooit meer gezien hebben. Dat moet na te gaan zijn. Dan zijn we morgen met zijn drieen.’ En dan een dame op de donderdag. Sinds kort haar opwachting gemaakt. Louise Korthals. MISLUK BETER. “Wilt u de bon””, vraagt de chagrijnige caissiere aan de vrolijk neuriende man voor mij in de supermarkt. Om te eindigen met de volgende zinnen: ‘Verontschuldigend vertrok de moeder weer met kind en draagzak: ‘Ik kom straks wel terug.” Try fail, try again…’ De vrijdag dan: Nico van Straalen. BOFKONTEN WROETEN. ‘Dicht bij mijn werk, tussen de torenhoge kantoorflats van de Zuidas, is een vestiging van de bofkont-universiteit. Ze wroeten voor de lol, niet om eten te zoeken. Ik zie het het elke dag aan de bofkonten.’ Dat deze bofkonten mogelijk eindigen als speklappies, ach ook daar dien je niet te lang bij stil te blijven staan.. . Dan breekt, hoe is het mogelijk de zaterdag aan. Dan wemelt het van de columnisten. Om er enkele te noemen: allereerst Tommy Wieringa, een penvriend zonder weerga. Patricia Idsinga of Hannah Wagendorp. Veldhuis & Kemper. Marja van Spaandonk. Wouter Klootwijk. Een samenloop”! Geenszins! Mogelijk een toevalligheid van de omstandigheid, waar ik met smaak naar uitkijk! Met dank aan Jurriaan Geldermans!
Laatste 15 Reacties