Recht doen aan Winnie (deel I)
Van de 10 personen, spreken er 9 hun afschuw uit. Een geeft blijk van een andere kijk. Kijk niet vreemd op wanneer ik mijn blik op die ene richt. En wanneer daar de volgende woorden zichtbaar worden is, wat mij betreft het pleit beslecht. ‘Wat een prachtig artikel en ontroerende foto. Je bent een bijzonder mens.’ Dat ik juist deze veer koester, behoeft geen nader betoog. Maar dat ik me richt tot die negen anderen die, waarschijnlijk door hun waardering blijk hebben gegeven van hun beleving toch wil wijzen op het stuk dat van de hand van Louis C. van Galen, roepnaam Winnie een afgeleide van Winston en momenteel weer wat in de actualiteit door de film “Er ist wieder da” waarbij Winnie Wonnie werd alsnog het verleden wakker gaat schudden, is in dit geval mooi meegenomen. Neen, mijn bedoeling is om juist Winnie nog eens over het voetlicht te gaan brengen, eenvoudigweg door zijn woorden van ‘van binnen’ nogmaals naar buiten te brengen. Om vervolgens… maar dat is nog een paar dagen ver! LAWINE AAN EMOTIES EN GEVOELENS
‘Met een “maar dan moet ik even naar boven” beent-ie de trap op. Als de deur van de woonkamer even later open zwenkt verschijnt hij met “Ik ben voor niemand iemand meer’ ten tonele: een gedichtenbundel uit 1991 met als bijtitel ‘het resultaat van WiKkeN en WeGeN.’ Uitgegeven ter gelegenheid van het ’25 jarig jubileum van mijn 18e verjaardag’, grapt Wik Pijper, docent psychiatrische verpleegkunde in ruste. Met een ‘mag ik even’ steekt-ie staand voordragend van wal. Glimp heet het gedicht en in een latere uitgave Vogelvrij gedoopt. “Mag dat eigenlijk wel, jezelf plagieren””, grijnst-ie. Vijftienhonderd exemplaren werden er verkocht. Drie drukken. Ze vlogen weg. “Ik was veertig, een cruciaal moment. Ik liep tegen de dood van mijn vader aan. Tijdens zijn ziekbed lieten we elkaar voor het eerst weten dat we van elkaar hielden. Door zijn dood sprong er een bron open met een lawine aan emoties en gevoelens, de hele bliksemse boel aan zaken die je in de psychiatrische zorg tegenkomt, spoot eruit. Het was een grote eruptie. Ik schreef me wezenloos. 2500 gedichten heb ik geproduceerd.”
Wikswegen
De drang om te schrijven bleef. Iedere dag plaatst hij iets op zijn weblog wikswegen, al zo’n jaar of acht. De reden: contact maken, delen met de ander, laten zien dat hij er is. Misschien wel om de vraag beantwoord te krijgen wie hij is, of zijn leven er toe doet, legt hij uit. Daags na het interview schrijft hij op zijn blog: ‘Wat heeft mij bewogen om mij, niet geheel belangeloos, zo in de kijker te zetten. Wederom voor die vijftien minuten aandacht, waar ieder mens recht op schijnt te hebben, maar niet iedereen gebruik van wenst te maken” Zou heel goed kunnen. Of is het misschien simpelweg een soort van ego wat zo nodig gebruik wenst te maken van de mogelijkheid om aan een eigen weg te kunnen gaan timmeren”‘
de ‘streng christelijke’ directrice van de Academie voor Psychiatrie twijfelde aan Pijpers geestelijke vermogens. ‘Pornografisch werk’ oordeelde ze in 2002 bij het verschijnen van het boekje Afscheid: een serie belevenissen uit de periode 1963 (NB. moet zijn 1969) tot 1972. Gedetailleerd beschrijft Pijper zijn seksuele escapades tijdens de opleiding en latere jaren als gediplomeerd B-verpleegkundige.
Waarschuwing
is het moment waarop ik dit vervolgverhaal even onderbreek. Een ander zou het woord pauze in beeld hebben gebracht. Dat er in het vervolg nog het een en ander naar voren komt…
Laatste 15 Reacties