ach Achmed, Sinterklaas…
Komt’ie toch nog langs. Toon Hermans. Een vergelijkbaar coryfee
als dat Flappie uit de kast komt. Voor zover Flappie uit de kast kan komen.
Meer kans om uit het hok te zijn. En dan alsnog de hond in de pot weet te vervangen.
Maar dit soort gedachten passen niet op deze dag, laat staan op deze avond.
Want je zult ze de kost kunnen geven. Waar Sinterklaas een vroegtijdig einde kent.
Omdat de keuzes anders zijn. Of dat de creativiteit hoogtij gaat vieren.
Dat de inhoud niet rijmt met de verpakking. Of dat de inhoud juist rijmt op de verpakking.
Bruin papier in plaats van dat veelkleurige. Grote surprises met een pakje enveloppen daarin.
Om brieven te kunnen versturen. Omtrent een zeker uitstel.
Omdat de eindjes dit keer niet meer aan elkaar zijn te knopen.
Omdat de knopen die zich in het verleden voordeden aan de vooravond van juist deze dag
vervangen zijn door hongerknopen. Omdat boterhammen met tevredenheid al langdurig
op het programma staan. En omdat de voedselbank wordt overstelpt met verzoeken.
En ook daar keuzes dienen te worden gemaakt. Onvermijdelijke keuzes.
Op een vergelijkbaar schrijnende manier als dat de mensen de gang naar deze bank weten te maken.
Het moeilijk vinden om het hoofd rechtop te houden. En dan weer gaan. Lopend.
Op de fiets met volle tassen. Een krat voorop. Met een hondje erin.
Een hondje wat met de week wat minder rond zich heen kijkt. Het kopje wat vaker hangt.
Het staartje dat wat minder kwispelt. En het trillen wat met de week en het weer toeneemt.
Donkere dagen met die stille hoop.
als dat Flappie uit de kast komt. Voor zover Flappie uit de kast kan komen.
Meer kans om uit het hok te zijn. En dan alsnog de hond in de pot weet te vervangen.
Maar dit soort gedachten passen niet op deze dag, laat staan op deze avond.
Want je zult ze de kost kunnen geven. Waar Sinterklaas een vroegtijdig einde kent.
Omdat de keuzes anders zijn. Of dat de creativiteit hoogtij gaat vieren.
Dat de inhoud niet rijmt met de verpakking. Of dat de inhoud juist rijmt op de verpakking.
Bruin papier in plaats van dat veelkleurige. Grote surprises met een pakje enveloppen daarin.
Om brieven te kunnen versturen. Omtrent een zeker uitstel.
Omdat de eindjes dit keer niet meer aan elkaar zijn te knopen.
Omdat de knopen die zich in het verleden voordeden aan de vooravond van juist deze dag
vervangen zijn door hongerknopen. Omdat boterhammen met tevredenheid al langdurig
op het programma staan. En omdat de voedselbank wordt overstelpt met verzoeken.
En ook daar keuzes dienen te worden gemaakt. Onvermijdelijke keuzes.
Op een vergelijkbaar schrijnende manier als dat de mensen de gang naar deze bank weten te maken.
Het moeilijk vinden om het hoofd rechtop te houden. En dan weer gaan. Lopend.
Op de fiets met volle tassen. Een krat voorop. Met een hondje erin.
Een hondje wat met de week wat minder rond zich heen kijkt. Het kopje wat vaker hangt.
Het staartje dat wat minder kwispelt. En het trillen wat met de week en het weer toeneemt.
Donkere dagen met die stille hoop.
‘Het is een vreemde zeker, die verdwaalt is zeker, zal hem gauw eens vragen naar zijn naam…’
En stel JU nu eens voor dat je opeens Achmed hoort. Dan rijmt het niet erg meer.
Dan gaan de woorden opeens een heel ander verhaaltje vertellen. En dan zie JU uitsluitend
verbaasde gezichten. Dan krijgt de verrassing een heel vervelend staartje. En kan er geen
sprake meer van een verrassing zijn. Dan heeft het de schijn van een misplaatste grap.
Dan zal er weer een discussie ontstaan. Omtrent tradities. Omtrent de Hollandse eigenheid.
Dan verdwijnen, net als in het recente verleden, de Negerzoenen naar de prullenbak.
En worden het neutrale zoenen in een chocoladegekleurde verpakking. En krijgt de hele magie
van Sinterklaas toch een heel naar kantje. Dan worden er ook vraagtekens gezet bij het
gegeven dat deze man toch zo’n uitgesproken kindervrind is. Zoals dat andere lied veronderstelt.
En dan verdrinkt een kinderfeest in gekrakeel van ouderen. Krijgt het bureau tegen Discriminatie
weer het een en ander te doen. Of verdwijnen de opmerkingen met eenzelfde sneltreinvaart als
dat St. Nicolaas in de nacht als een dief het pand weet te verlaten.
Waar dan geen kind zich druk om maakt. Omdat, als het even meezit, Sinterklaas er alles
aan heeft gedaan om toch voor die cadeaus te zorgen.
En klinkt er een oprecht: ‘Dank U Sinterklaasje!’
En stel JU nu eens voor dat je opeens Achmed hoort. Dan rijmt het niet erg meer.
Dan gaan de woorden opeens een heel ander verhaaltje vertellen. En dan zie JU uitsluitend
verbaasde gezichten. Dan krijgt de verrassing een heel vervelend staartje. En kan er geen
sprake meer van een verrassing zijn. Dan heeft het de schijn van een misplaatste grap.
Dan zal er weer een discussie ontstaan. Omtrent tradities. Omtrent de Hollandse eigenheid.
Dan verdwijnen, net als in het recente verleden, de Negerzoenen naar de prullenbak.
En worden het neutrale zoenen in een chocoladegekleurde verpakking. En krijgt de hele magie
van Sinterklaas toch een heel naar kantje. Dan worden er ook vraagtekens gezet bij het
gegeven dat deze man toch zo’n uitgesproken kindervrind is. Zoals dat andere lied veronderstelt.
En dan verdrinkt een kinderfeest in gekrakeel van ouderen. Krijgt het bureau tegen Discriminatie
weer het een en ander te doen. Of verdwijnen de opmerkingen met eenzelfde sneltreinvaart als
dat St. Nicolaas in de nacht als een dief het pand weet te verlaten.
Waar dan geen kind zich druk om maakt. Omdat, als het even meezit, Sinterklaas er alles
aan heeft gedaan om toch voor die cadeaus te zorgen.
En klinkt er een oprecht: ‘Dank U Sinterklaasje!’
Sinter Klaas. Sint Nicolaas. Sint Nic. Sint Niek. Nicolette. Nicolien.
En alle andere namen die op de een of andere manier aan dit feest te koppelen zijn.
Maar ook ik doorbreek, zonder toon, een traditie. Dit keer geen ‘Kind in mij.’
Want dat kind heeft zich, voor even, teruggetrokken op zolder.
Om vandaar te kijken naar de Pieten die het zo druk hebben rond de schoorstenen.
En om te zien dat de pakjes van vorm veranderen als ze de schoorsteen ingaan. En dat Amerigo,
met een wortel in de mond, rustig staat te wachten. Met de Sint op zijn rug.
En dat de Sint echt geen rijzweepje heeft. Maar zijn glimmende staf gebruikt om Amerigo steels
op zijn zijde te kloppen. En een groot deel van zijn tabbaard gebruikt om de rug en de kont van
het paard af te dekken. En dat de Sint uitkijkt. Naar zijn verblijf elders. Spanje waarschijnlijk.
En diep zucht als hij zijn mijter weer inruilt voor dat petje. Met dat minder grote kruis.
En zijn benen op de salontafel legt. En een whiskeytje neemt.
Omdat de chocolademelk hem toch de strot uitkomt. Geen speculaas meer kan zien, laat staan
de lucht kan ruiken. Maar dat nog steeds die laatste woorden in zijn oren klingelen:
En alle andere namen die op de een of andere manier aan dit feest te koppelen zijn.
Maar ook ik doorbreek, zonder toon, een traditie. Dit keer geen ‘Kind in mij.’
Want dat kind heeft zich, voor even, teruggetrokken op zolder.
Om vandaar te kijken naar de Pieten die het zo druk hebben rond de schoorstenen.
En om te zien dat de pakjes van vorm veranderen als ze de schoorsteen ingaan. En dat Amerigo,
met een wortel in de mond, rustig staat te wachten. Met de Sint op zijn rug.
En dat de Sint echt geen rijzweepje heeft. Maar zijn glimmende staf gebruikt om Amerigo steels
op zijn zijde te kloppen. En een groot deel van zijn tabbaard gebruikt om de rug en de kont van
het paard af te dekken. En dat de Sint uitkijkt. Naar zijn verblijf elders. Spanje waarschijnlijk.
En diep zucht als hij zijn mijter weer inruilt voor dat petje. Met dat minder grote kruis.
En zijn benen op de salontafel legt. En een whiskeytje neemt.
Omdat de chocolademelk hem toch de strot uitkomt. Geen speculaas meer kan zien, laat staan
de lucht kan ruiken. Maar dat nog steeds die laatste woorden in zijn oren klingelen:
‘Dank U, Sinterklaasje…’
WOORDEN ACHTER LATEN
Als ik het ooit opnieuw kan doen
hoe zou ik dan….”
Een ander ouderpaar, een wieg
op een andere plek beginnen”
Veel leren en de beste zijn,
glansrijk carri”re maken”
Veel status en de roem omarmen
zichtbaar beter dan de anderen”
Aanzien en bekend zijn, adoreren
mij die anderen”
Als ik het ooit opnieuw zou
doen doe ik het net
als toen ik begon
begin ik net zo goed
als nu
ik bezig ben.
En allen die vandaag ook jarig zijn: een heel fijn feest toegewenst!
Opvoed"kundig"beziggeweest.
Wie wil er nu dat zijn of haar kind de schrik van diens leven krijgt bij het eerst bewust zien van een Sinterklaas en zijn Pieten, want daar zijn er nu eenmaal meer van.
De gekregen handpoppen voor Anne’s verjaardag hadden al reeds wat pedagogisch voorwerk gedaan, zodat dochterlief al een weet had wie het paard, piet en klaas was.
Onderweg naar haar heuse eerste sintverjaarspartijtje. De puntjes nog ff op de veelbetekende i gezet. Schouderklopje voor mezelf, want deze opvoedkundige hobbel is toch maar weer genomen. In eerste instantie was ik natuurlijk tegen. Weg met die Klaas, maar ja het is toch ook maar weer gezellig. Had me voorgenomen niets te doen om anne sterk te laten geloven en haar toekomstige twijfels niet te bedoezelen met ondoorzichtig gezwalk. Gewoon zelf nadenken. Op onderzoek gaan en dan tot de conclusie komen dat…
Maar zoals al reeds vermoed ging ik dan toch. Wie is Klaas, wie is piet. Kort hierop bulderderd Anne overstraat ZWarte PIET. Ik lach nog. Tot ik de wijzende vinger van dochterlief volg en daar aan de overkant van de staat, bij het bushokje een vrouw zie wachten. Ze kijkt op, want Anne kan schreeuwen. Haar donker zwarte haar staat wijds zeg maar Afrikaans, ook haar tint deed vermoeden dat haar oorsprong daar ligt. Potjandorrie. Met het schaamrood op de kaken. Leg nu maar weer eens uit waarom zij geen zwarte piet is. Niet de knecht van die religieus geklede bleke Klaas.
Maar lang duurde deze gedachte niet voordat anne deze doorbrak met de krachttermen Potjandorrie gatverdamme.
Maar ja ik ben dan ook van de generatie NIx of in voetbal termen de patat generatie.
Laten we dat goedheilig man gedoe toch afschaffen en doen waar we goed in zijn. Gewoon meelopen met Amerigo en Santa met zijn reedieren in vliegende slee met open armen verwelkomen.