Cultuur & barbarisme
Want volgens de mensen die er verstand van hebben gaat Alkmaar het vandaag maken. AZ. Aan zet.
Ettelijke tientallen verplaatsbare toiletten.
Vier kanten pis bakken. Uitvergrote urinaals.
Met een oog bovenin. Om aan op te hijsen. Waar laten ze het spul de dag na vandaag”! Het kanaal in lopen”
Of verkopen ze dit weer aan de brouwerijen. Want echt veel bezinksel zal er aan het bier niet zijn toegevoegd.
Hooguit wat urinezuur. Wat derivaten. Water…
Dus een beetje lopen lanterfanten. Ook wel lekker. Een beetje naar de bibliotheek.
Voor zover je van een beetje kunt gaan spreken. Een beetje fotograferen.
Voor zover je van vastleggen kunt praten. Een beetje lopen in zoomen.
Voor zover zaken zich scherp laten stellen. En als deze zich niet scherp laten stellen me lopen verwonderen.
Omtrent de wijze waarop kleuren in elkaar over kunnen vloeien.
De scherpte ontbreekt waardoor een zachte irritatie kan ontstaan. Door een omgekeerde vaas die mijn oog wist te vangen. De wind die wat speels door de prunus woei. Of beter waaide, tere blaadjes die, voor even, het luchtruim kozen.
Zich terneder vleiden op de harde steen, die van geen wijken weet. En de zon die probeert de ware kleuren te verdoezelen.
Zodat alles door een lichte waas gevangen wordt. En ik die waas weer tegenkom. Bij tegenlicht. In zonlicht.
Een overgave die zich in stilte voltrekt.
Een ongekende onderkant. Geen achterkant dit keer.
En tulpen die tot op de tafel reiken. Zwaar door hun zwaarbloemigheid.
Meermaals gevouwen tulpen. Verknopte tulpen. Zoals de tulpen die ik ergens tegenkwam.
Zo paars als het paars maar paars kan zijn.
Ik groette ze niet. Ik knikte wel een beetje.
Maar of dit door een hobbel in de weg dan wel door mijn nekspieren kwam…
Het doet er niet toe. Zoals deze woorden er ook niet altijd toe doen. Ik was wat bezig. En pakte een boek. Verslingerde aan de gedachten van een ander. Omdat ik ook die andere woorden las. Zoals Hesse ze ooit…
Zoals ik geniet. Van beide commentatoren. Want het zijn juist die gedachten die mij doen denken aan…
Wat is het fijn om zo af en toe gedachtenvol te zijn.
Om te beseffen dat er anderen zijn die op en vergelijkbare manier een toetsenbord beroeren…
Waardoor die dialoog zich blijft ontrollen. Waarbij de rollen zich verdiepen.
Er sprake kan zijn van een ongekende ontwikkeling, omdat de “”n… en de ander zich uitgenodigd voelt om…
en dan een derde die mede een duit doet in dit zakje!
Maar wie is de persoon die dit geheel vast weet te leggen. Opdat het deze keer niet verloren gaat.
Zoals die andere gedachten. Die andere momenten. Juweeltjes die het kaf en koren wisten te doorstaan…
Plaatjes die voor zich konden spreken.
En dat gesprek dat zich niet laat horen maar wel laat zien.
Vrij dwingend. Juist vanwege het feit dat het niet gesproken taal kan zijn. Het leesbaar zou kunnen zijn.
Het over van alles gaat en over niets.
De vraag omtrent een kip dan wel een ei geheel uit de weg wordt gegaan.
Het klinkt wat als een terzijde…
Aan gene zijde
blijven zij
verschoond
van alle zaken
zich
aan deze zijde
voordoend;
in
het moment
waarop
de overgang
plaatsvindt
wenden wij
ons hoofd
terzijde.
Als en indien AZ wordt gehuldigd, zullen wij in de Cantina Architectura verkeren.
De Dichterskring Alkmaar vaardigt vijf dichters af.
En zoals altijd staat het podium aan het eind van de middag open voor iedereen die ook een gedicht wil voordragen…
Maar in welke categorie”
Hebben mijn schrijfsels een kosmopolitische inslag of zijn zij verhalend”
Neem ik waar of kan ik met woorden schilderen”
Evocatief misschien of ben ik een po”et die mijn po”men in glas graveert”
Een boer die regelmatig van het pad afdwaalt. Met zijn klompen door de klei loopt te soppen.
En zodra hij thuis is met zijn klompsokken aan de haard opzoekt. Dat veilige van ’t huis.
De haard die dan voor zich zal spreken…
De straten van alkmaar…
wie kent ze niet
de stad als mieren
hoop
mensen dwars langs en door elkaar
naar ieders eigen reden
kan me niet ontrekken aan een gedachte aan en een citaat van herman brood toen zijn haren nog zwart zagen.
al die hoofden al die koppies je zou het niet denken maar complete werelden trekken langs me..
gewoon in elk wilekeurige straat
voor wie oplet aanschouwd die diepere wereld.
die wereld die je alleen ziet als je je tracht een te maken…
voor elk wat ziens veel voorbij te zien glijden.
meeglijden liften of gewoon stilletjes naar te verlangen…
ik ben er niet geboren toch ken ik haar al jaren.
toen de grote kermis nog gewoon echt de grootste kermis was.
de grote kerk nog eens een inhuldigsplek was
Nu slecht bezocht getuige het aantal rendabele kroegen nabij.
groeide ik er steeds een stukje groter. en dacht ik,
nu,
na deze groei nog krimpen zou.
Ontwaart zich mij mijn groeiend hart.
mijn hemel wie past daar toch allemaal in.
al die verhalen en werelden op straat. kom jij hier binnen treed ik middels deze zinnen tot u toe.
vraag ik raad wat toch met het leven te beginnen die terug keerdende vraag of er werkelijk een goed en kwaad is je werkelijk altijd eerlijk moet zijn en vind ik mezelf terug te willen weten waarom en stel ik weer diezelfde vragen waar ik ooit mee begon.
tot gauw
alkmaar
a bien tot
frank boeijen – zonder woorden youtube
Wat ook heel mooi is
joni mitchell hejira
ik bedoel
Leona Lewis – Bleeding Love
soms post ik bij de verkeerde datum
weet niet of ju nog terugleest.
het was nu een roofvogel, met een scherpe intelligente sperwerkop. de helft van zijn lijf stak in een donkere wereld bol, waaruit hij zich als aan een reusachtig ei, ontworstelde…
voor de zekerheid toch nog maar een x
ook al zo mooi
heden ik morgen gij
XVII
"Ik die bij sterren sliep en ’t haar der ruimten droeg
als zilveren gewei, en ’t stuifmeel der planeten
over den melkweg blies en in de maan gezeten
langs ’t grondeloze blauw der zomernachten voer,
ik ben beroofd en leeg, mijn schepen zijn verbrand,
mijn stem verloor haar gloed en vindt geen weerklank meer
in ’t dode firmament, niets dan de galm die keert
van ’t sombere gewelf van mijn ontredderd hart.
ik sta alleen, geen God of maatschappij
die mijn bestaan betrekt in een bezield verband,
geen horizon of zee, geen poovre korrel zand
in ’t naamloos wel en wee der brandende woestijn.
ik voel de waatren stijgen in den nacht,
de angst rijst naar den mond en aan mijn lippen staan
vermoeienis en walg, ik heb mijn merg verdaan
in slaafse horigheid aan het roofzuchtig bloed.
niets rest mij dan mijn val, laat mij te pletter slaan
en kermen als een meeuw tussen het zwarte wier;
die eens als zon in ’t zenith heeft gestaan,
zal bijten in het zand als een kreperend dier."
H. Marsman
De Dood, die onbekend en onbemind,
Zoo uit het oog, zoo uit het hart vandaan,
De weg vervolgt die hij vanouds moet gaan,
Weg waarop niets hem aan zijn offers bindt,
(S. Vestdijk, De getrooste dood (fragm.), Po”tisch akkoord, blz. 38)
Alela Diane – The Pirate’s Gospel
still hungry
van Alela nog zo veel meer…
de tekst die mij ooit van lezen schrijven liet…
=belcampo
het grote gebeuren=
Onze aardbol is rond en alom heerst op haar het woeden der geschiedenis.
de tekst is te lang hier te omschrijven
doch te mooi niet gelezen te hebben
Revoluties golven, tronen wankelen, kronen rollen, bommen vallen, kreten
stijgen op, bloed vloeit.
Maar <e’e’>n gemeente ken ik, die daar ligt, nog even onberoerd als op de dag
der schepping — Rijssen. Wat zeg ik” Rijssen ligt” Nee, Rijssen lag, want
Rijssen is niet meer, niets is meer, ook jij lezer, bent niet meer. Lees dit ver-
haal en weet, dat je niet meer bent.
Dwalend door en zeker
lang, ontzettend lang zijn
des Herens ondoorgrondelijke wegen!
11 keer gaan reageren”
Wat kan ik JU nog leren”
Een spoor van kruimels
vertelt niet snel
jij weet het en ik…
sta wat verwonderd rond te kijken!
Een woord teveel is een gedachte te weinig.
Ergens is er iets teveel vandaag. Teveel kruimels…
Aristoteles wist dat al. Hij vond dat een deugd het midden is tussen een tekort en een teveel.
Als je gedachtenvol in dialoog ook "een duit in het zakje wil doen". Ook met woorden wil schilderen, dan kan die openheid ongestructureerd raken en het geheel onoverzichtelijk.
Natuurlijk is de openheid hier een prachtige ervaring. Het barst van de betrokkenheid; speelt met de verbeeldingskracht van de lezer en veroorzaakt een ongekend vertrouwen in de "spelers van dit spel".
Door de woorden en beelden die WIK weet te toveren, lijken we ons te kunnen verplaatsen in zijn gedachtegoed en belevingswereld, in relatie tot zijn Zijn en zijn teksten.
Hij laat ons empathisch denken in zijn dicht en beeldkunst…denken via zijn ervaring en laat ons daar mede-creatief in zijn.
Het gevaar van een te grote betrokkenheid, van niet meer op afstand kunnen zien, van wensdenken, is dat we dan misschien een beetje door gaan slaan in onze ijver
"Al onze woorden zijn kruimels die afvallen van de tafel van onze geest.”"(Khalil Gibran)
Net als in tegenlicht, in een waas van doorlopende kleur, verliezen we ons dan in een mengelmoes waar geen heldere (klank-woord) kleur meer in te ontdekken valt…en dat zou een verlies kunnen zijn.
Maar de heftigheid
De potentie
Doet toch sidderen van genoegen