vier op de vierde zaterdag
Zaterdag, 04-08-’12.
Een heel bijzondere dag. Althans voor mij. Vier jaar draag ik Titje reeds onder mijn hoede. Dit keer in de meest letterlijke zin. Want dat Titje schuilgaat, zal niet iedereen bevroeden. Toch is dit zo. Hooguit de zon kan Titje tevoorschijn toveren. Doordat deze het geregeld af laat weten, kan Titje nog veel langer schuilen. Of, liever gezegd, schuilgaan. Hetgeen Titje dan ook doet. Titje laat ook weinig van zich horen: hooguit laat Titje wat zien. Maar ook dit zichtbaar bewijs van Titje is enkel f te lezen wanneer ik me naar het hospitaal begeef. Een hospitaal dat er ietwat anders uitziet dan het hospitaal dat ik vandaag citeer: uit De knetterende schedels van Roger van de Velde het volgende fragment. Mosje Cheronim.
Nog geen vijf minuten was hij in de zaal of hij stond al in het brandpunt van de belangstelling vanwege zijn eigenaardig uiterlijk en zijn opvallende manier van doen. Vooral zijn kleding trok de aandacht. Bijna allen liepen wij rond in oude, diepzeeblauw geverfde Canadese uniformen uit de tweede wereldoorlog. Hier en daar wandelde er een gestreepte pyjama tussen, maar dat gebeurde op uitdrukkelijk bevel van de dokter. Sommigen veroorloofden zich vestimentaire fantasietjes met oude hoofddeksels, papieren decoraties, veelkleurige sjaals en fladderende hemdslippen, maar andere clownerie werd niet geduld.
Bij zijn binnentreden in de zaal droeg het nietig mannetje eveneens een blauw uniform,maar daarover lag een soort bruine paardedeken met brede witte strepen. Op zijn achterhoofd stond een minuscuul kalotje en boven zijn tengere hals droeg hij een pikzwarte baard met een scheiding in het midden. Samen met de paardedeken wekte ook die baard hilariteit, want om hygienische redenen werd het dragen van een baard in de regel verboden.
Terwijl zich een kring van nieuwsgierige en grinnikende kijkers om hem heen vormde,ging het mannetje, zonder enige aandacht te schenken aan de rumoerige belangstelling, postvatten voor de gekalkte muur naast het kantoortje van de bewaker en begon, zoals… bladzijde 45.
Ook zo nieuwsgierig naar de rest” Ik kan eigenlijk niet veel meer zeggen dan dat ik de Belgische schrijver Roger van deVelde van harte in jouw belangstelling aanbeveel. Al was het alleen al vanwege het bovenstaande fragment! Morgen…”!
Laatste 15 Reacties