hoogopgeleid
Weet je,
’t is niet niks te verstaan, wat een ander kan bedoelen, je te onthouden van al dat gevoelen, schoonheid te ervaren, simpel door te koelen.
De stilte te omarmen als een loeiend vuur.
Je kop te stoten aan die oneindig lage muur; te ontdekken dat niet alles bestaat uit 1,” maar door te delen het onmogelijke mogelijk te maken.
Niet het zoeken naar iets, slechts het aanvaarden daarvan en de berusting als dit zich voordoet, zonder altru”stisch aan opoffering te doen. ’t Is niet de gelatenheid maar de kracht van het wezenlijke dat je laat ervaren, wat je ervaart.

Bijkans verheven. Een tekst waarbij de inhoud iets probeert te omschrijven, wat aan de andere kant door het gebruik van bepaalde woorden onbenoemd blijft. Een tekst ook waar je even voor moet zitten. Gelijk een gedicht de woorden tot je kunt nemen om niet veel later te besluiten die woorden te laten voor wat ze zijn. Of om een enkel woord eruit te lichten. Schoonheid bijvoorbeeld. En daarin het wezen van schoonheid te gaan determineren, zonder direct in de valkuil te stappen. Die van het individu. En de waardering die aan schoonheid te koppelen valt. En daar dan weer de vele variabelen van. De schoonheid van een schilderij, een brons, een tak in de natuur. Een steen. Op een graf. Een graftekst. De stilte. Licht. Een sterrennacht. Een dame. Een meisje. Een vrouw. Een kind. Een bejaarde. Eenvoud. Duister.
Wezenlijk. Ook zo’n woord waarbij herhaling zich vaker kan voordoen dan dat de kern te benoemen valt. Te beroeren in sommige gevallen. Even een gevoel aantippen voordat dit weer verdwijnt. Opgaat in het totaal van het zijn. En de persoon die beroert in zeker zin in de kou kan laten staan. Waardoor deze verdwijnt. In een sneeuwwitte nacht. Tenminste, wat ik me zou kunnen voorstellen. Zoals ooit die oude Inuit. Hij weet dat zijn tijd gekomen is. Trekt daar zijn plan op en trekt erop uit. Gaat, als mens, in uit. Maar dat is ietwat kort door de bocht. Een wat dubieus grapje mijnerzijds. Hoewel dit nog steeds om dat wezenlijke gaat. Waarbij ik probeer de kern als zodanig te verwoorden. En weet dat mij dit ook nu niet gaat lukken. Mijn pogen blijft in zekere zin gedoemd. En dan heb ik het over mislukken. Jammer dan.
Want ik liep in figuurlijke zin Wim tegen het lijf. In de Mare. Hij liep op zijn fiets, dus fietste niet en was waarlijk verzonken in zijn gedachten. Zijn gedachten verscholen achter zijn bril. Een zonnebril zowaar. Opdat het felle licht van maart zijn geest in die spookachtige omgeving van gedachten niet zou hinderen. Of misschien heet hij wel gewoonweg gevoelige ogen. En sprak hem aan. Waarop hij zijn gedrag verklaarde. En met de volgende uitspraak kwam:
hoogopgeleid, snelafgeleid…

en dat vond ik mooi. Ik had weer iets om op te gaan kauwen. Wat ik al spoedig deed. Want de woorden die hij mij deed toekomen, kwamen niet zomaar ergens vandaan. Tenminste, dat maak ik er maar weer van. Daar ben ik namelijk wel goed in. Hij werkt bij Triversum. Onder andere. Hij maakte ooit een scriptie omtrent mannenhulpverlening. Vanuit het perspectief van de heteroseksueel ingestelde mens. En ook dat was toen een bijzondere invalshoek. Hij kreeg voor zijn scriptie ooit een tien. In cijfers uitgedrukt zou er sprake zijn geweest van een summa cum laude. Een uitmuntend. Dus dat was niet verkeerd.
Triversum. Ooit, ergens in de oudheid, start Jan van der Lande in Santpoort Amstelland. Het zijn dan de ‘roaring seventies’ die de wereld gedeeltelijk op z’n kop zetten. Waar de huidige ‘baby-boomers’ met een wat ambivalente blik op terugkijken. En waar de buitenwacht mogelijk meewarig achter omkijkt. Terzijde echter. Amstelland richt zich met name op de jeugd. De jeugd die als puber de overgang probeert te bewerkstelligen naar het adolescent zijn. En daar, ook toen al, hinder ondervindt. Hulp nodig heeft. Psychiatrische hulp bij nodig heeft. Want ook toen speelt sociale problematiek in zijn algemeen en psychiatrische problematiek in het bijzonder, bij een op de vier Nederlanders. (Hoewel in dit laatste ontleen aan mijn duim, geeft Triversum hier wel dit getal aan).
Triversum is die vervolgtak. En heeft de benodigde expertise ontwikkelt toen men samenging met de Tulpenburg. De hulp ingeroepen van anderen. Hulpverleners met andere achtergronden. Niet alleen de mensen met die psychiatrische achtergrond. En dat werkt.
Maar of dat in de toekomst ook blijft werken is de vraag. Nu scholen met vormen van bijzonder onderwijs door de huidige regering worden uitgewrongen, nu er bijna letterlijk over ieder dubbeltje gesproken dient te worden en Nederland gelukkig wel vliegtuigen en een schip in NATO verband naar Libi” mag sturen, nu Hillen in de schijnwerper staat omtrent die helicopteractie en daarmee de discussie omtrent de bezuiniging van 1 miljard op Defensie naar de achtergrond dreigt te geraken, kan het haast niet anders dan dat die woorden van Wim in zekere zin iets profetisch in zich dragen: hoogopgeleid, snelafgeleid.

De zon schijnt. Toch zal het mij niet verbazen wanneer er sprake is van enige turbulentie. En ben ik razend benieuwd uit welke hoek de wind gaat waaien. Niet alleen voor Hillen. Maar meer voor het hele kabinet…
Laatste 15 Reacties