Prinsgedag

Eigenlijk staat mijn pet op makkelijk. Petmakkelijk dus. Maar dat ik het geheel nu als pet makkelijk ervaar, is een heel ander chapiter. Het geheel is nu eenmaal meer dan/als de som der delen. Als er dan wat te verdelen valt, is de redding veelal veraf. Juist dan mogen er geen opklaringen worden verwacht. Juist dan is het een en al grauwheid wat de klok slaat. Juist dan is het de grote vandiktebank die ons te wachten staat. Juist dan zijn het geen plakjes meer. Juist dan is er geen sprake meer van een krul. Juist dan zaagt men van dik hout planken. En die planken worden her en der uitgedeeld. Om mensen ervan te overtuigen dat sommigen niet alleen maar een bord nodig hebben om zich achter verborgen te houden, maar dat er balken nodig zijn die her en der in ogen raken. Een wat morbide verhaal” Ach. We zijn er al een kleine week op voorbereid. Het kan dan ook haast geen toeval geweest zijn dat de troonrede zo vroegtijdig in den lande bekend was geworden. Een kwestie van wat cijfertjes. 2010. 2011. Het mag waarschijnlijk ook geen verbazing wekken dat er volgend jaar wederom zo’n omissie zou kunnen plaatsvinden. Wie weet dan nog hoe dat enkele verschil tussen 0 en 1 een wereld van verschil wist uit te maken. Zo kort kan de collectieve memorie zijn. Zoals we straks met allerlei andere memories te maken krijgen. Memories van antwoord. Door een kamerminderheid gedragen. Want dat er nu nog sprake zou kunnen zijn van een kamermeerderheid zou mij hogelijk verbazen. Maar, wie ben ik”


iGer.nl
Het leven is een strijdtoneel, eenieder vecht en krijgt geen deel. Het leven is “”n grote poppenkast en als je niet oppast ga je aan je eigen kast ten onder. Als water vuur omarmt gaan beiden sissend uit. Nu lijkt uitgaan op zich wel een verademing maar als de wind dan ook nog door de schrale takken jaagt, weent menig gebeente wat de bladeren door de lucht laat vliegen. Alsnog gaat leben zuchtend ten onder. Een laatste noodkreet waar een enkeling op reageert. Waar niet veel laten de ogen breken. Een krant in een duistere hoek neerdwarrelt. Waar zelfs geen steek meer van te vouwen valt. Geen mens meer van opkijkt. Hooguit op neerkijkt. En overgaat. Tot de orde van de dag.
Of die andere tekst: “Zodra de verwarring compleet is en niemand meer weet waar het droste-effect stopt, plant ik de vlag en regeert mijn werkelijkheid”. Sander Rood, 1973 – 2009, beeldend kunstenaar. In 2009 maakte hij zijn laatste project ‘De Bloem der Verlichte Schaduwen’ voor Kunsteyssen. Sander Rood maakte absurde kunst. Droogkomisch kun je het noemen. Zijn werk was volkomen zinloos, maar dat maakte het nu weer zo bijzonder. Gebruiksvoorwerpen die geen enkel doel dienen dan zichzelf. Zoals een waterpomp in een meer, handtasjes van hout, een hoed met een gloeilamp, een geldautomaat waar alleen muntjes in kunnen. Een IM. Wat ik in de krant aantrof. Ook hij heeft in september 2009 het strijdtoneel verlaten.


iGer.nl
Zoals toen Balkenende deel IV de miljoenennota door Wouter naar voren liet brengen. Daar ook met een wat plompverloren gezicht zijn eerder gedane uitspraak mocht herhalen. Na het zuur komt het zoet. Hoe zuur moet het zuur van de huidige tijd gaan worden. Zuur, zuurder, zuurst” Speekselklieren die overwerk gaan plegen” Zuinige monden, die zich geen voorstelling meer weten te maken omtrent het zoete van ooit” Ingevallen bekkies” Hongerige magen” Neen, Nederland zal nooit een derdewereldland gaan worden. Maar het zal mij niet verbazen, wanneer op bepaalde plaatsen niet alleen schraalhans zal gaan kraaien in diverse keukens. Tenslotte zijn de voedselbanken de laatste jaren ook al aan het uitdijen. Waarmee de contradictio in terminus wederom zijn gestalte heeft aangenomen. Het mij eigenlijk geen pas geeft om dit weinig verheffende commentaar aan mijn ultieme geouweneel toe te voegen.
Ik moet het echter toch nog even kwijt! Doe dit niet van harte, echter wel bij deze. Niet dat ik de illusie heb dat dit iets uitmaakt. Die illusie ben ik reeds jaren kwijt. Zo gaat dat in het leven van een enkeling. Vaak gaat dit ook in het leven van die vele andere enkelingen. Het is dat wij, voor een deel, in onze opvoeding een aantal normen hebben meegekregen, elkaar bijvoorbeeld begroeten, goedendag zeggen en bedanken, maar anders werd het sociaal gezien nog een veel schralere boel. Het zal dan ook niet zo lang meer duren dat het aantal echtscheidingen hooguit bij vechtscheidingen tot een uit elkaar gaan zal gaan leiden. Het begrip dat de armoe de mensen netjes houdt, weer opgeld zal doen. Dat relaties het kenmerk van ’tot elkaar veroordeeld zijn’ gemeengoed zal gaan worden. En dat de keuze van een enkeling voor een vrij gezellig bestaan weer een stijgende lijn laat zien. Vrijgezel en dan een beetje in je eentje lig gen. Vrijgezellig liggen. Ik kan me minder leuke dingen voorstellen!


iGer.nl