Auder pijn.

Auders. Dat doet pijn. Al was het alleen maar gezien de schrijfstijl. Maar auders hebben dan ook geregeld pijn. Wanneer het wat minder goed gaat met hun kroost. Wanneer dat gevoel van geluk wat zich ooit voordeed, door omstandigheden teloor dreigt te gaan. Wanneer de zaken gaan lopen zoals ze gaan lopen: bergafwaarts. Dan is daar die pijn, dat au gevoel wat zich lijkt te gaan verankeren in die auders. De onmacht die zich voordoet. Soms gepaard gaand met een gevoel dat haaks staat op het geluk wat je je kind gunt. Het gegeven dat de weg naar volwassenheid niet zo mooi geplaveid is als je wel zou willen. De wetenschap dat inzicht door de betrokkene zelf ontdekt moet worden. Het houvast wat je dreigt te worden ontnomen. En de duisternis en doemgedachten die met dit alles gepaard gaan. Het geluk dat schuil gaat in een hoekje, en het ongeluk dat je te wachten staat. De pijn van de auder zijn, het ouder zijn en de ouder te zijn. Pijn!
En gelijktijdig valt een onderstroom waar te nemen. De kracht waarmee de mens vanuit zijn oorsprong invloed op de omstandigheid weet uit te oefenen. Niet altijd even bewust: voor een belangrijk deel gaat dit proces onbewust. Gedreven vanuit innerlijke krachten die, gelijk een warmwaterbron, opwellen op die ongekende momenten. De verrassing waarmee dan gebeurtenissen plaatsvinden. Een ongekende veerkracht die debet lijkt te zijn aan diezelfde mens. Een veerkracht die aanvallen van zowel binnen als van buiten weet te pareren. Het buigen en het vederlichte gewicht dat in stelling kan worden gebracht. De ogenschijnlijke tegenstellingen: geenszins een loopgravenoorlog. Maar meer het gevecht dat met open vizier wordt gestreden. Ondanks de pijn die dit gevecht veroorzaakt. De littekens die blijven, nadat de wonden zijn geheeld. Ervaringen die, uiteindelijk, met een ander gedeeld kunnen worden. Niet immer de weg van geleidelijkheid. Niet steeds de weg van het halen. Geregeld dat gevoel van falen. En het eenvoudige gezegde dat men al doende leert. Ook al levert dit vele sneden op in de neus. Voor de betrokkene herkenbaar en voor de ander niet zichtbaar. Pijn. Vaak doet dit zeer, zelden is het fijn. Maar het geeft de kwetsbaarheid weer van de mens. De mens met al zijn nukken en grillen, de mens met zijn frustraties en zijn idealen, zijn dromen en zijn werkelijkheid. Laat dat soms fijn zijn, dan doet dit minder zeer. Pijn!