Slang
Het is natuurlijk veelal een kwestie van doen. Laten kan altijd nog. Nu ligt dat in het algemeen niet zo eenvoudig als ik het zo formuleer. Ik kan simpelweg niet stellen dat, door de deur achter mij dicht te trekken, de rotzooi aan het oog wordt onttrokken. Want ik ben ergens bijzonder goed in: het scheppen van chaos, tot wanhoop van Ria. En waar ik me achter tijd dan wel omstandigheid schuil, gaat het bij haar gepaard met vormen van benauwdheid. Het vliegt haar aan, gelijk het bij mij van mij afvliegt. Natuurlijk is erin zo’n geval wel degelijk sprake van een zeker evenwicht, alleen is datzelfde evenwicht in alle geleidingen en varianten discutabel. Het zou een groot deel van het probleem kunnen oplossen, wanneer ik niet zo zamelzuchtig zou zijn. Ver zamel zucht ig, zou een belangrijk deel kunnen bijdragen aan een mogelijke oplossing. Maar zo eenvoudig ligt dit niet. Waardoor ik toch wel weer met haar te doen heb. En gelijktijdig niet in staat ben om hier die broodnodige verandering in aan te brengen. Loslaten is,wat dat betreft, een sleutelwoord. Maar dat komt in mijn woordenboek ternauwernood voor. Neen, ik opteer voor het woord vasthouden. Waarbij vast kan worden ingeruild voor behouden. En dan gaan deze woorden, uiteindelijk, ook weer mank. Blijft het lood en ijzer dat zich niet laat breken, laat staan dat er genoeg warmte te vinden valt om het geheel om te smelten. Ik me enigszins schuldig voel, en gelijk daarbij aanteken niet veel anders te kunnen. Een soort van Status Quo ontstaat en ik mij vervolgens op weer iets anders richt. Het heeft, juist door deze woorden, wat weg van een vorm van belijdenis. Waarbij het woord lijden in deze zin niet geheel recht doet aan het onderhavige, waar ik de ander mee lastig val…
Ik bedoel het natuurlijk allemaal goed, laat daar geen misvatting over bestaan, alleen komt het over het algemeen wat beroerd naar voren. Of liever gezegd blijft het veelal van binnen. En heeft de buitenwacht, over het algemeen, daar geen notie van. Zijn het meer intimi die het beklagenswaardige van dit geheel kunnen overzien. En beroep ik me veelal op het gegeven dat dit een gevolg is van vele tientallen jaren, met ooit het oogmerk om, wanneer die tijd zich zou voordoen, mijn veronderstelde ledigheid te kunnen vullen. Hoe bijzonder te kunnen constateren dat het met die ledigheid reuze meevalt, dat de tijd, te mijner beschikking, zich zorgeloos vult en dat veronderstelde geraniums zich nog steeds elders aan balkons weten te verpozen. Zoveel heb ik dus niet te klagen. En gelijktijdig…
Neem nu mijn volgende uit de hand lopende belangstelling. Digitaal beperkt, ware het niet dat ik dit fysiek weet om te zetten. En bij deze fysieke omzetting overkomt het mij, met grote regelmaat, dat ik me ook nu weer te buiten ga. De afschrijvingen spreken, wat dat betreft, boekdelen. En daarmee houd ik, op mijn bepaalde manier, dan weer dat eerder genoemde zamelzucht in stand. Waarbij opvallend is dat ik, met mijn bijzondere kijk op zaken, anderen weer weet aan te spreken. Noem het vormen van waardering die gelijktijdig de meewarigheid in stand weten te houden. Dan wordt de vraag waar ik het voor doe, uiteindelijk toch weer op mijn bordje gedropt. Veelal voor mezelf. Omdat ik het leuk vind. Niet om daar Ria mee te pesten. En toch…
Wanneer ga ik hiermee stoppen” Waarschijnlijk nooit. Althans, niet eerder dan dat ik het loodje heb gelegd. En dat zou zomaar…
Het regent. Het regent nog steeds. En als het regent bekruipt mij de neiging om het donzen dekbed op te zoeken. Met een spannend boek. Om juist mijn zinnen te verzetten en de dingen te laten voor wat ze zijn. Juist dan bespeur ik een vorm van schuldgevoel. En besluit alsnog…
De kachel staat aan, de radio uit en het geluid van die brander zorgt voor dat andere gevoel. Dat gevoel van… als een slang die geregeld in zijn eigen staart wenst te bijten!

Laatste 15 Reacties