Kromgebogen…
Een schoolplein. Met luid gillende en spelende kinderen. De wind probeert een spelletje mee te spelen en jaagt wat over het pleintje heen. Een sjaal, ternauwernood om een hals gedrapeerd, rukt zich los. Kinderen beginnen te joelen. Met wat kwajongens trekjes. Wat tegendraads zo af en toe. Met wat verwilderd haar.

In een andere omstandigheid. In een andere tijd. Maar niet in een andere hoedanigheid. Want als je even door de schil heen kijkt”
Loop ik op een ander schoolplein. Speel ik met de wind. En laat me zeiknat regenen. Want de wind speelt ook met mij. Geeft me duwtjes in de rug. En heb je werkelijk geen kind aan mij!
Althans, als het aan mij ligt. En het lag gisteren niet aan mij! Op de fiets naar het MCA. In regenkleding om op tijd te zijn voor de eerste keer cardio fitness. Bij de Heart Club Bend. En de bandleden hadden zich aldaar verzameld. We gaven elkaar een hand in het kader van de gemeenschappelijkheid (ICD ook daar ontmoet je anderen mee!) en gingen elk een verschillend apparaat te lijf. Hinke was mijn begeleidster. Met 22 jaar afgestudeerd fysiotherapeut en sinds kort werkzaam in dat Huis. Voor revaliderenden. Want Ziek zijn doe je in de rest van dat Huis. Maar dit terzijde. Eerst fietsen. Dan gewichten gekoppeld aan de armspieren. Dan de beenoefeningen en daar weer tussendoor de steps. En dat alles gelardeerd met de anderen. Waarbij ieder zijn of haar eigen plan lijkt te trekken. Lotgenoten” Ja, in zekere zin. Maar om elkaar wat beter te leren kennen” Mogelijk komt dat moment er nog. Voor nu leeft ieder in zekere zin zijn of haar eigen leven, gekoppeld aan de apparatuur. En was het vandaag voor mij de ‘nulmeting.’ En kon ik goed fietsen. Maar gelukkig niet eenzaam. Wel wat alleen met z’n allen. En dan is het rap half twee. De eerste sessie achter de rug. Het omkleden. De stad in om de tijd tot vier uur door te gaan brengen. En de regen die stom uit het grijs naar beneden ‘pleurt.’ De straat voor een belangrijk deel verlaten. Want wie gaat met dit weer de stad in” Dan blijf je gewoon lekker binnen. En laat je de pijpenstelen langs het glas een eigen weg gaan zoeken. Een eigen straat desnoods.

Zoals de straat die hier nu onder staat.
STRAAT
Ik ben verlaat
als ik, de straat
wijd open
staat een deur
waar schelle kreten
dof gefluister
verminkte zinnen
in het duister
laat
en verlaten
wijd ligt de
straat
open
het riool
gepeupel
krioelt, blinde
vlekken, eens ogen
schijnen door het
wijde duister van
de straat wacht
lacht in zijn
hemd
van knoken.

Het gaat dan om een beeld. Een beeld wat wij in een heel andere setting kregen voorgeschoteld. Op een top VMBO. Waar wij mochten kieken. Digitaal weliswaar, maar met een enthousiasme van de ‘meiden’ die zich hiervoor lieten lenen. Spontaan, gemaakt, zelfbewust, sensueel, na”ef en (on-)bescheiden. In lamp en licht, in kleur en flits, koket en ook ondeugend. Met glitters en met glamour. Met open ogen en geloken. Met zwart en wit, met goud en zilver, met speels gemak en houterigheid. Brutaal en (on-)opvallend, met ernstig hoge hakken, ogen als diamantjes en de schaduw die daarbij het onderspit dolf. De suggesties die zij volgden, door de knie”n zakkend, kijkend in de lens en niet veel later er weer langs. Van voor, van zij, van achter omkijkend, boos, verdrietig, nors en lachend. Juist lachend. Veel lachend. Dan weer serieus.
Een pracht van een afsluiting waarbij zowel consumptie, als visagie, als media er alles aan gelegen was de avond te volmaken. En wij slechts hoefden te knippen. Te vragen en zij deden. De bezieling die docenten naar voren wisten te brengen.

Gewoon een avond anders. Na toch een wat ongewone dag. En waar ik toch een beetje dat gevoel van Jimmy heb mogen ervaren: ‘kromgebogen over mijn stuur tegen de wind, zichzelf een weg baant”‘
Vanaf het moment dat het woord ICD viel, kwam de behoefte er meer van te weten.
Want niet alleen Wik, maar Alle betrokkenen, zelfs lezers van zijn dagelijkse verhalen, raken min of meer belanghebbend, bij de (on) mogelijkheden.
Daar was eerst de tijd die Wik en de zijnen nodig hadden om de informatie over de ICD en de daarbij behorende (na)zorg te verwerken.
Want leven met een ICD en met de (on)mogelijkheden van het apparaat, is een heel proces. Een proces van acceptatie, van inpassen in het leven, van overwinnen van angstgevoelens, maar ook het zich realiseren een nieuwe kans te hebben gekregen.
En daarin vinden de ruimere sociale contacten een plekje.
Niet alleen voor de lezers, maar ook voor de Lotgenoten in de HartClubBand.
Een dergelijk heterogeen clubje binnen de diagnostische categorie Titje!sdragers voldoet aan veel herkenning.
Maar is ook erg confronterend.
Want ….hoe lang blijft dit groepje samen”
Wie kan wat”
En als je om elkaar gaat geven, waar en wanneer komt dan angst en verdriet”
Dus eerst even afwachten…
De ICD uit de boom kijken, als het ware….
En realiseren dat hier een band ontstaat, anders dan ieder andere.
De Tweedekans
De Verkorenen
De Club is niet alleen een classificatie van ziekte (broeders) waarop Wik zijn filosofische visie niet alleen descriptief, maar juist ook essentialistisch op het net kan tonen.
Niet alleen op de fiets, maar ook op de computer, kun je delen, trainen en verwerken…
Deel kaartjes uit
Wees je eigen open Wik
Bespreek
Daar ligt je Eerste Kracht
De rest
Groeit Vanzelf
“Als je het niet probeert, zal het je nooit lukken”
Desmond Tutu
(Ennuh….Toch een trainingspakje gekocht”)
Leuk….Zo’n bezoekje aan een ROC!
Jij maakt nog eens wat mee!
Waar de een spreekt over voornemens,
bevindt de ander zich onder lotgenoten
begint iets heel nieuws
samen in wel of niet ongewone bewegingen
Plengen daar regendruppels
dropt daar zweet
gaan de handdoekjes om de nek
kijk je omhoog en zie je duidelijk iets anders dan dat plafond,
herken je jezelf niet daadwerklijk
Het smalle pad wat zich aandoet
doet zich niet direct herkennen
maar je beweegt voort
tussen verschijningen en verhalen
glimlacht de bruisende energie
voelen
de aanrakingen
verkwikent
en fris als de jeugd
heel mooi
juist nu Femke Halsema & Midas Dekkers