log boek
Ik noemde het een logboek. Voor sommigen werd het letterlijk een ‘log boek.’ Voor weer anderen een ongekende opgave. Terwijl derden zichzelf moesten beperken om niet in eigen opgedane inzichten te verdwalen. Voor vierden bleef het iedere keer weer de vraag voor wie ze eigenlijk aan het werk waren. Voor mij” Voor de ander” Voor onbekende buitenstaanders” Uiteindelijk brak het begrip veelal door. Niet eerder echter dan dat ik nogmaals mijn bedoeling kenbaar had gemaakt.
M.
Om maar met het laatste te beginnen: het is jouw ‘logboek!’ Jij, en alleen jij geeft aan waar je dit logboek mee vult, wat jouw overdenkingen en afwegingen zijn, waar je nog even moet pauzeren, voor je een antwoord geeft op een vraag.
Mijn bedoeling van het logboek is dat je jezelf de ruimte gunt om het ‘grijze gebied’ tussen theorie en praktijk voor jezelf wat helderder krijgt, want ‘intuïtie’ is niet iets dat zomaar groeit. Intuïtie, ook daar is het laatste woord nog niet over gezegd, net zo min als over zorgvuldigheid die betracht wordt in het zo juist en zorgvuldig/gedetailleerd mogelijk aangeven van een diagnose. Het DSM III dan wel IV boekje mag dan een zinvolle ‘handleiding’ zijn om tot een correcte diagnose te komen, maar, en dat kan een wezenlijk probleem zijn, leg je de patient met die zo zorgvuldig geformuleerde diagnose juist dan niet te veel vast”! (Het is het hokje schizofreen, als de man zich schizofreen manifesteert en zich minimaal in een x aantal symptomen laat onderscheiden).
Een andere vraag: wat is normaal en met welke argumenten en overtuigingen kun je de ander ervan overtuigen van jouw normale zijn” Wat voor creatieve ‘doodnormale’ opmerkingen/gedrag kun je plaatsen/vertonen om jouw overtuiging met de behandelaar te kunnen delen”! Hoeveel waarde moet aan de tekst van Carmiggelt: “Ooit een normaal mens ontmoet” En ….”” nog worden toegekend” Bewijs mij,overtuig mij en laat mij weten wat de zin is van ons, mijn, jouw bestaan!
Het is nogal wat van de zaken waar je nu (al”!) tegen aanloopt. Het zijn ook heel wezenlijke, menselijke vragen en menselijke verschijningsvormen die jij tegenkomt. Je zult niet altijd tot de kern van de ander kunnen/mogen doordringen, ook al is de bolster nog zo ruw beschadigd en ligt de ziel (het zijn) van de ander ogenschijnlijk bloot. Het blijft een menselijk/verpleegkundig streven de ander bij te staan in zijn of haar nood. Houd echter altijd rekening met het gegeven dat, juist de ander, daar ook voor een deel zelf bepalend in is. Soms hen je niet meer tot je beschikking dan het minst kwade uit kwaden…..!
Castricum, 24-11-’95,
Wik.
Ik was ook hier enig in. Het bezorgde mij werk. Maar het bijzondere aan dit werk was, dat er sprake is van interactie. De vragen die zich voordeden, uiteindelijk, van een antwoord konden worden voorzien. De menselijke aspecten zuiverder aan bod kwamen. De onmacht die zich voordeed. De mogelijkheden die, zonder boekenwijsheid, naar voren kwamen. Veelal door de ‘ontmoeting’. Vaak in letterlijke en maar ook in figuurlijke zin. En ik was de man aan de kant. Ik stond erbij en werd deelgenoot. Van een reis door het menselijk zijn. Waarbij mijn zijn als haar zijn dan wel een ander zijn een rol ging spelen. Het ene moment een hoofdrol, het andere moment de rol van voetveeg. En alles wat de mens nog meer tot zijn beschikking heeft…
Laatste 15 Reacties