treiNShow
Het zijn de kleine dingen die het doen. Het is de dessertlepel die gevuld raakt.
Een theelepel verschil. Ik drink geen thee noch neem ik suiker zodat een lepel overbodig blijkt.
Ik roer dan ook niet graag. Hoewel…
Een theelepel verschil. Ik drink geen thee noch neem ik suiker zodat een lepel overbodig blijkt.
Ik roer dan ook niet graag. Hoewel…
Als JU mij mijn gang laat gaan weet ik nog steeds niet wat ik tref. Zo waagde ik mij vroegtijdig naar het Centraal Station van Alkmaar om te ontdekken dat de verwachte voorbereidingen voor de dag van morgen geenszins plaatsvinden.
Dat het nieuwste materieel nog elders vertoeft en dat het hele specifieke stoomluchtje nog geenszins de lucht aan het vervuilen is. Wel een ongevallenwagen.
En een Vossloh. Een dieselloc van Bam. Een RRF loc.
Gedrie”n op een rij. Zonder dieselronk staan uit te puffen.
Om zich straks te laten zien. Te bewonderen.
Want de verwachting van zo’n 25.000 tot 30.000 bezoekers moet nog waargemaakt worden.
En dan oogt dat emplacement heel kaal.
Dan kun je nog foto’s schieten zonder een verdwaalde voet, een schouder, een hoofd of stukken van een jas.
Dan hoef ik nog niet over de hoofden heen te lopen. Dan is er nog geen hond te zien.
Dat het nieuwste materieel nog elders vertoeft en dat het hele specifieke stoomluchtje nog geenszins de lucht aan het vervuilen is. Wel een ongevallenwagen.
En een Vossloh. Een dieselloc van Bam. Een RRF loc.
Gedrie”n op een rij. Zonder dieselronk staan uit te puffen.
Om zich straks te laten zien. Te bewonderen.
Want de verwachting van zo’n 25.000 tot 30.000 bezoekers moet nog waargemaakt worden.
En dan oogt dat emplacement heel kaal.
Dan kun je nog foto’s schieten zonder een verdwaalde voet, een schouder, een hoofd of stukken van een jas.
Dan hoef ik nog niet over de hoofden heen te lopen. Dan is er nog geen hond te zien.
Alleen die gele bananen. Met dat speciale blauw. IRM met een knipoog.
Maar wel een die heel lang duurt, zo met die ene lamp.
Een snackwagen on tour. Toiletwagen in afwachting van de juffrouw die voor het onderhoud zal worden ingevlogen.
Althans, dat denk ik. En voor de rest denk ik niet.
Geniet een beetje van een licht gevoel van teleurstelling. Omdat ik nu al meer had verwacht.
Zoals ik ook zo’n aparte sensatie ervaar als ik een plakploeg zie. Van het een of andere circus.
Als dan een stad wordt volbehangen…
Maar wel een die heel lang duurt, zo met die ene lamp.
Een snackwagen on tour. Toiletwagen in afwachting van de juffrouw die voor het onderhoud zal worden ingevlogen.
Althans, dat denk ik. En voor de rest denk ik niet.
Geniet een beetje van een licht gevoel van teleurstelling. Omdat ik nu al meer had verwacht.
Zoals ik ook zo’n aparte sensatie ervaar als ik een plakploeg zie. Van het een of andere circus.
Als dan een stad wordt volbehangen…
Een druppel. En daar nog een. Allengs gaat dit druppelfestijn een eigen leven leiden.
Het deert mij niet, alleen dien ik de camera te gaan beschermen. Water kan van invloed zijn.
Een druppel druipt wat na op mijn schermpje van 3 bij 4.
En ik kiek groten in het klein. En voel me ook als zodanig…
Het deert mij niet, alleen dien ik de camera te gaan beschermen. Water kan van invloed zijn.
Een druppel druipt wat na op mijn schermpje van 3 bij 4.
En ik kiek groten in het klein. En voel me ook als zodanig…
Was vanmiddag op tijd weer aan de hort gegaan.
Nuttig en aangenaam verenigend, wandelend en schietend.
Met m’n olympus. Maar ook m’n pentax maakt furore. Omdat ik beeldjes kan verkleinen.
Dan maakt het niet zoveel meer uit.
De megapixels. Want uitvergroten kent ook een beperking.
Wat mij betreft. 20 bij 30 is een leuke maat.
Kan ik redelijk goed opbergen. Zo vullen zich de albums.
Nuttig en aangenaam verenigend, wandelend en schietend.
Met m’n olympus. Maar ook m’n pentax maakt furore. Omdat ik beeldjes kan verkleinen.
Dan maakt het niet zoveel meer uit.
De megapixels. Want uitvergroten kent ook een beperking.
Wat mij betreft. 20 bij 30 is een leuke maat.
Kan ik redelijk goed opbergen. Zo vullen zich de albums.
En zit ik regelmatig te kijken.
Naar al die vastgelegde momenten. Van toen. Naar nu.
Voor straks. Voor JU misschien”
Naar al die vastgelegde momenten. Van toen. Naar nu.
Voor straks. Voor JU misschien”
BEN GEGAAN
Gebrekkig
zal ik altijd
zijn
daar
de cirkel
niet eerder
naadloos sluit
dan dat ik
mijn gang
ben
gegaan.
Het is als in zo’n moment van Martin Bril.
Het dagelijkse moment wat er even kan worden uitgelicht.
Alsof een telelens de plaats van de microscoop heeft overgenomen.
Niet dichterbij maar een mate van verdieping. De mikrosmos.
En daar dan weer een variabele van.
Het dagelijkse moment wat er even kan worden uitgelicht.
Alsof een telelens de plaats van de microscoop heeft overgenomen.
Niet dichterbij maar een mate van verdieping. De mikrosmos.
En daar dan weer een variabele van.
Ik zie wat JU ook kan zien en als ik kijk…
kijkt JU dan mee”!
Ben diep gelukkig weer met je mee te kunnen kijken!
Al zijn treinen en circussen niet een heftig deel van mijn bestaan, je brengt wel die gevoelens over van… verlangen.
En teleurstelling. Als je zelf zo enthousiast bent, snap je niet dat een ander dat niet kan zien.
Wil je uitleggen en delen. Verzamelen en meeleven. Mee laten leven.
Goed en duidelijk wijzen op.
Je camera erop
Als een microscoop
Zodat je duidelijk in beeld kunt brengen, wat je beroerd.
Zodat gezien kan worden hoe het is opgebouwd.
Jouw gevoel neerleggen. Weergeven met liefde en warmte.
Dat is het verschil tussen de microscoop en je foto’s met verhalen.
Een microscoop vertelt niets.
Jij maakt er een herkenbaar (vervangbaar desnoods, voor eigen belangen) en emotievolle gewaarwording van.
Je hoeft je aan niemand te meten. Je bent je eigen ik.
Maar het verdient toch even een momentje stilte
Te realiseren wat je doet
Wat je kan
Meenemen….Mensen meenemen
In je reizen
Je gevoelens
In je HART…
Dus even een klein cadeautje terug…
De Volkskrant 7 mei 2008
Martin Bril
"Sterfbed
Een ding is zeker: het reizen per trein brengt de mensen
nader tot elkaar, om niet te zeggen dat je tot in detail deel
kunt nemen aan andermans leven. Dit alles dankzij de mobiele
telefoon.
Zo trof ik gisteren in de trein van Antwerpen naar Amsterdam
een man die van doen had met een zieke moeder.
Hij belde daarover met zijn broer. Hij zat aan het raam, ik
zat bij de glazen deur aan het gangpad. Verder was er niemand
in onze stiltecoupe, waar het verzengend heet was,
omdat de ramen niet open konden en de airconditioning
het niet deed.
"Ik weet het niet, maar het ziet er slecht uit. Het gaat niet
lang meer duren Stefan", klonk het luid. "Ik had vanochtend
een van die artsen aan de lijn en die was er vrij zeker
over. Ze doen nog een paar testen. Maar dat is een beetje
voor de vorm, had ik het idee."
Ik probeerde niet te luisteren.
"Nee, hoe lang weet ik niet. Dat zei die man niet. Je weet
hoe dokters zijn. Nooit weten ze iets zeker. Het kan een
week duren, het kan tien dagen duren. Zelfs een maand.
Maar ze heeft niet veel zin meer, en dat scheelt."
De man legde zijn voeten op de stoel tegenover hem. Hij
droeg blauwe sokken met een rood streepje. Een jaar of
vijfenveertig was hij. In het bagagerek boven zijn hoofd lag
een kleine koffer. "Wat zeg je” Nee. Ik ben gisteravond bij
haar geweest. En vanavond ga ik weer. Wanneer ga jij nou
eens” Wat zeg je”"
We passeerden Roosendaal.
"Dat zou goed uitkomen, dan kan ik van het weekend
wat leuks doen met Jeanne. Die zie ik nauwelijks meer
door dit gedoe. Nog een maand, stel je voor! Maar je kunt
haar moeilijk aan haar lot overlaten, toch” Aan de andere
kant: volgens mij weet ze niet eens wie ik ben. Ze zit onder
de morfine. Ze kan nauwelijks nog ademhalen. En dan ligt
ze ook nog met zo’n halvegare op de kamer. Een mevrouw
Gerrits of zo. Die weet alles beter en bemoeit zich overal
mee. "Uw moeder heeft vannacht gehuild", zei ze gisteren.
Dat oude kreng. "Wat”
Ja, heb ik al geprobeerd. Als ze verder verslechtert,
krijgt ze een andere kamer. Als er ruimte is, natuurlijk.
Man, het is verschrikkelijk, dat ziekenhuis. Iedereen ligt er
dood te gaan.’
De man keek een paar keer mijn kant op. Aanvankelijk
dacht ik dat hij zich bezwaard voelde door mijn aanwezigheid,
maar later leek het wel alsof hij controleerde of ik
wel luisterde. Dat gaf de sfeer in onze stiltecoupe beslist
iets lugubers. Elders lag iemand op sterven, en hier ging
haar lijdensweg over de tong alsof het niets was, nou ja,
een logistiek probleempje in het leven van druk bezette
mannen. Van de weeromstuit kreeg ik met de vrouw te
doen.
"Nee, daarover heb ik het wel even met die arts gehad,
maar ik geef ons weinig kans. Mama heeft niets op papier
gezet. Ik heb een paar dagen geleden met haar huisarts gebeld,
je weet wel, die oude De Vries, en ook die had het er
nooit met haar over gehad. We moeten wachten, zei hij,
meer zit er niet op. Ik kan haar moeilijk smoren in een kussen,
toch”"
De man lachte schor.
We passeerden weilanden.
"Ok”. Als ik vanavond geweest ben, bel ik je wel even.
Uh” Ja. Verder alles goed. Picobello. Met jou ook” Fijn.
Goed om te horen. Tot vanavond."
De man verbrak de verbinding, liet de telefoon in zijn
binnenzak glijden en keek met doffe ogen naar het voorbij
glijdende landschap.
Bril weet goed een stemming en herkenning weer te geven… Jij laat meer ruimte voor eigen invulling. Da’s krachtig en machtig.
En wordt zeer gewaardeerd!
Dank je..
Heb veel in te halen. Maar wat het zwaarste is moet het zwaarste wegen. Wikswegen.
Blij weer on-line te zijn!
Trudy