Leo IV


iGer.nl

Abe, hij was geboren in Rottevalle

een dorpje bij Drachten in de buurt,

waar hij gewoond had,

zodat wij konden praten over die plek

op de dagen, dat hij goed was

en niet weggezonken

in de somberheid, die zijn ziekte heette te zijn.

Of was het god.

De straffer.

Zijn god was er niet een van liefde

of erbarmen,

maar die van de voorbeschiking

tot de hel.

Abe was verdoemd

hij had de hand geslagen aan zichzelf

en zou gestraft worden met hel en verdoemenis

dat wist hij zeker

en daar was slecht mee te leven.

Hij had paarden gemend,

die schuiten trokken door de Drentse Hoofdvaart

van Assen naar Groningen

langs het jaagpad,

toen hij negentien was

en gewerkt op een brouwerij,

maar geen druppel gedronken.

Dat vond god niet goed,

denk ik.

Bij een depressie dacht ik daarvoor

aan het weer in het najaar,

waartegen je je kunt beschermen

met een warme jas en laarzen

en nooit dacht ik aan

Nozinan en Ludiomil

als bescherming tegen god.

Hij had een melkersdiploma ingelijst

in zijn kamer boven zijn kast.

Boven zijn bed hing veel groter

een spreuk uit het boek van god,

waaruit bleek,

dat Abe zijn kans op genade

terecht laag inschatte.


iGer.nl

Ik weet niet of het medelijden was

of onmacht, waardoor ik dat verdriet had,

als ik hem zag zitten voor de pannekoek,

die hij o zo graag wel lustte,

maar net vandaag niet eten kon;

de somberheid lag hem al zwaar op de maag.

Mag dat ook al niet van god”

Mij is het niet gelukt hem iets te geven,

dat beter was dan het vaste lijden.

Mij niet, mijn zoontje wel

van twee

toen hij de pet pakte van de grond,

die afgegleden was toen Abe sliep,

en met een zeker geloof

op het kale hoofd zette.

Even paniek en toen een glimlach

en een zacht gebaar.

Misschien keek god even niet.


iGer.nl