Hier&NU
HIER
Kom hier
doof je sigaret
vouw die grijns op
neem je lichaam
je jas en al je kleren
stroop dan je huid af
neem je botten één voor één
ja, leg ze daar maar neer
laat je bloed vrijuit stromen
geef dan je hart aan mij
laat me voelen dat het klopt.

1 juni. Een zondag. Nu drie jaar geleden. Mijn eerste klap. Tenminste, iets wat ik als spierpijn afdeed. En waar kippensoep een rol inspeelde. Had ik kippensoep nodig om mij over een drempel heen te helpen. Naar mijn eerste hartinfarct. En ging ik om elf uur ’s avonds slapen. Met een pijnlijke spier. Die ik wat gemolesteerd had. Om zes uur de wekker. Wakker naar Amsterdam alwaar ik dit verhaal vertelde. En mij overgaf aan de dingen van alledag. Het verzorgen van lessen. Een soort van bezigheidstherapie. Want of ik mij daar met volledige inzet heb gekwalificeerd toen. Ik durf dat ernstig te betwijfelen. Nu.
Richtte mijn aandacht naar de dinsdag. Om thuis te gaan werken. En bleef alleen die pijnlijke spier bestaan. Waar ik niet teveel aandacht aan schonk. Toen. Toen ik ook nog niet wist dat dit zich nog twee keer zou herhalen. In één week. Tot de negende kwam. Maar ook toen was het een week later. Met alles van toen dien…
Nu lees ik in ‘Hoe zij mij leest’
Van Saskia van Leendert / gedichten. Zij schrijft: Voor Wik
Mede dankzij jouw feedback (uit een bijna ver verleden)
zijn gedichten in deze bundel zoals ze zijn.
Jouw liefde voor taal en enthousiasme
blijft bijzonder inspirerend!
x Saskia

Drie jaar geleden trok ik nog geregeld aan dat sjekkie. Had ik geen idee wat mijn voorwand doormaakte. En stond ik in Sloterdijk op de Metro te wachten. Om daar, met behulp van een tweetal stippen, in de buurt van de VU uit te stappen. Amstelveenseweg. De tram te pakken. Want lopen wat zich alleen maar herhaalde om in dat gebouw van OZW te komen… De keuze tussen roltrap en lift. Het laatste stukje met de trap. Het koffieapparaat.
Wat ik drie jaar geleden ook niet kon bedenken. Nu, met drie stents van 58 mm in totaal, 10 pillen gemiddeld per dag en een klapkast wat Titje! is gaan heten, kijk ik ietwat anders tegen de wereld aan. Tegen mijn wereld aan. Tegen zijn aan. En zet ik ook een beetje de dingen die zich voordoen naar mijn eigen hand. Vandaar dat ik de woorden van Saskia leen. Omdat ik ze met genoegen tot mij heb genomen. En omdat haar woorden mij smaken. Smaken naar meer.

Ik lees haar. Met liefde. En een grote mate van genegenheid. Want juist zij zat ooit in een klas. In Bloemendaal. En ik mocht haar toen het verhaal van het lichaam gaan vertellen. Deed dit toen op mijn manier: zoals de gedichten van Saskia van Leendert een sterk beeldend vermogen hebben en door een voelbaar verlangen worden gedreven. Lichtheid, weemoed, diepgang en vertedering komen samen in een rauwe en soms achterhaalde werkelijkheid.
Als de plaatjes waar deze aflevering mee gepaard gaan. Beeldig. Beeldend. Voorbeeldend!
En een bepaalde weemoed. Waarmee ik terug ga in de tijd. En wederom wat plaatjes schoot. Van een ballon. Van kinderen. Van een kar vol ballonnen. Een lantaarnpaal met ballonnen. Hoog in de wind. Zijn het niet ware windekinderen”! Ik leef. En kan hiervan na drie jaar nog steeds getuigen. Vandaar de terugblik. Vanuit mijn huidig heden!

Anders bezichtigen
tot hier
en verder
tot waar de geest reikt
zoveel situaties die tot anders bezichtigen nijpen
een vlucht zwanen hoog in de lucht
donker afschijdend in de felle zon
een
twee
drie
vier
vijf
zes
zeven
en acht
waarachtig wauw
wijs ik zodat anne ze ook ziet
Wauw en een wat gaaf
sijpelt als water over haar lippen
8 zwanen going south
over ons tuintje
een wonder”
een omen”
moeten we de biezen pakken
of verwonderd achterblijven.
ook een 1 juni maar dan ’97
een stralend blauwe dag, een witte caddilac
suicide doors en bloedrode banken
Ik in gestreept pak zij in witte jurk
een droom die waar werd
dragend onze kleine meid.
Nu, gister 4 jaar later
Restaurant duinvermaak
een krijzend gillende Teun een dreinende Anne.
Mijn ega met schaamrood op haar kaken.
Blikken op mijn rug
ff omschakelen
moeder met zoon wandelend over de parkeerplaats
een koude pizza achterlatend.
vader en dochter mijmerend over de bezigheden van de dag.
smullend, in die andere wereld
de serveerster en mag ik een ijsje.
mijn zoontje weer bij mij op schoot, zoethoudend met aardbeien ijs
een opgewarmde pizza
en de blikken van een stel net vier jaar getrouwd.
De proest en de lach
verwonderd en totall loss om half acht een heel gezin in bed.