in blik terug


iGer.nl
Eigenlijk is het wel heel bijzonder om, terug in de tijd, niet stil te staan bij een dag als vandaag. Het is zomaar weer vrijdag. Waar gisteren gehuld ging in een grijze sluier en de temperatuur niet veel hoger kwam dan zo’n graad of drie, is het vandaag alsof de temperatuur op die hoge Brocken (1134 meter boven de zeespiegel) er van alles aan doet om de huidige temperatuur te evenaren. Dat zal haast wel niet, maar het heeft gelijktijdig daar alle schijn van. Want wat deden wij die dag” Niet veel meer dan een wandeling door het eeuwenoude Wernigerode en vervolgens de eerste rit met de stoomtrein. Daar mag absoluut niet te licht over worden gedacht. Met een gewicht van zo’n 65 ton, vijf aangedreven assen en een keteldruk die ook ergens te vinden was, heeft het veel weg van een zwarte bison. Daarachter een sliert van crème-rode wagons met niet meer dan het opschrift HSB kan het niet anders dan dat ons een treindag te wachten staat. Niet alleen stomen, maar ook nog met een dieselaangedreven tram en een diesel waarmee het nachtelijk duister van het Harzer schwarzwald wordt doorkruist. En wat vuurwater. De nodige vuurwateren. Een mogelijkheid ons in de plaatselijke bitters te verdiepen. Hetgeen dan ook gulhartig wordt gedaan. Allereerst een vijftal flesjes vreugdewater. Vervolgens een twintigtal vergelijkbare flesjes vreugdewater. Hetgeen niet alleen de gemoederen in een andere stemming brengt, maar de gangmakerij van het totaal verhoogd.


iGer.nl


iGer.nl


iGer.nl
Roet, stoom, water, vonken en vonkjes, bochten, nog meer bochten, een volgend station, een splitsing, bomen, veel bomen, nog meer bomen en zo her en der een blik op een wandelpad. Een uitzicht tussen de bomen door, bomen die een volgend uitzicht belemmeren en mensen, heel veel mensen. Rijtuigen vol met mensen. Op een doordeweekse maandag. De conductrice heeft het er maar druk mee. Ouderwets kaartjes knippen met een kniptang. Keurig in uniform. Dit keer zonder pet. In tegenstelling tot haar mannelijke collega. Die draagt zijn pet met een zekere trots. Of heeft geen zin om iedere avond opnieuw zijn haren te wassen. Want die roetlaag zet zich vast. En als ik met mijn handen door mijn haar ga, zijn niet veel later mijn handen zwart. Kan beter zonder handen door mijn haar dan met. Mijn handen in mijn haar te zitten! Begrijpu”!


iGer.nl


iGer.nl
De Brocken. Ooit een afluisterpost van de Oostduitsers van het Westen. Voor de muur weer kwam te vervallen. Het einde van de Koude oorlog markeerde. Waar de helmen van de voormalige VoPo’s momenteel in een glazen vitrinekast te zien zijn. Een oude grenspaal de Deutsche Demokratische Republik het bord nog zichtbaar draagt. En waar Stacheldraht de muur markeert. Een museum. Niet alleen gericht op de schotels die zich nog boven in het museum bevinden. Een polyester koepel om ze niet alleen onzichtbaar, maar ook te beschermen tegen weersinvloeden. Want het kan er ook verdomde koud zijn. Zo’n kleine dertig graden onder nul. Zoals het soms ook dertig graden boven nul is. Het ruim tweehonderdvijftig dagen beroerd is met het uitzicht. Er zo’n honderd dagen sprake is van een helder zicht. En wij een van de honderd dagen treffen. Ook dat valt onder de noemer: ‘zou zomaar kunnen zijn.’
Want deze wijsheid is van Ruud. Hoewel hij sinds de dagen Harz gedevalueerd is, gelijk de Griekse euro. Er sprake is van een gemeenschappelijkheid die doet denken aan gemeengoed. Want komen wij er niet meer uit, wordt het gewoon zzk. Dan vervalt ook het werkwoord kunnen. Blijft ‘zou zomaar kunnen’ over. En dat doet dan weer recht aan Ruud. Wat ook in velerlei andere opzichten opgaat. Want met elkaar de woorddegens opnemen, is een deel van de strijd die zich voordoet. Al was het alleen maar om recht te doen aan het Westfriese gezegde elkaar te willen ‘stangen’. Hetgeen dan weer komt door de drijfstangen die ons tot die gekende hoogte voeren. 1134 meter en nog een stuk of wat centimeters. Maar daar wil ik verder vanaf zien. Tenslotte is ook deze hoogte voorlopig wel toereikend!


iGer.nl


iGer.nl
Want toereikend is het. Toereikend blijft het ook. Verkeren wij met een dertiental in een exclusief salonrijtuig, delen we, voor een korte wijle de dieseltram (Combino) om niet veel later in Ilferd dit nieuwe paradepaardje van de HSB in te ruilen voor een dieseltreinstel met twee koppen. Eigenlijk meer een Januskop. Een heen en weertje dat door het nachtelijk woud ons met reeën confronteert. En waar de enige tunnel in deze totale spoorlijn wordt gebruikt om een verongelukte wagon te zoeken. Waar de machinist, met een dienstverband wat ooit in de DDR tijd een aanvang nam, zijn rit naar Wernigerode zal vervolgen om in de nacht de locomotieven onder stoom te houden. 24 uur per dag, zeven dagen in de week en niet eerder naar de werkplaats dan dat er regulier onderhoud dient plaats te vinden. Of er mogelijk sprake kan zijn van een versleten lager. Wat dan weer in de onderhoudswerkplaats wordt gegoten. Waar nog steeds sprake is van ouderwets handwerk. Waar ook nog steeds die bijzondere geur hangt. Stoom, rook en kolen. Smeer en vetten deel van het geheel uitmaken. Waar dit juist door de week valt op te snuiven. Waar de SHM dit van een stoomweekend moet hebben. Of van bijzondere ritten. Alles gaat daar nog steeds zo toe als in het verleden als standaard aangenomen.
Maar waar de Westerse kapitalistische filosofie steeds meer gemeengoed dreigt te worden. Er moet geld worden gegenereerd. En waar de euro’s kunnen rollen, heeft het management allerlei trucs bedacht. Meerijden op de voetplaat en dan de locomotief, onder het toeziend oog van de meester, uit zijn balans gaan halen. Opdat het dagen duurt voor de meester zijn werkpaard weer in het oude ritme heeft weten te krijgen. Het levert geld op. En daar gaat het tegenwoordig om. GELD! MONEY! Het laat de wereld rond gaan. Het gaat de wereld rond. En wij, ja wij, doen daar overtuigend aan mee.


iGer.nl


iGer.nl
Geld moet rollen, opdat de wielen rollen, opdat de stoom kan wolken. En wolken doet het. Op dinsdgmorgen wanneer wij worden rondgeleid door de werkplaats in Wernigerode-Westertor. Tegen betaling is van alles toegestaan. De vorige dag waren wij zonder betaling op datzelfde terrein te vinden en werd het ons niet toegestaan. Geld open deuren. Dus konden wij vertoeven voor de reis naar Nederland werd aanvaard. Zo’n kleine 1500 kilometer en de nodige stoomkilometers later is het reeds ver in de avond voor wij de diverse huizen weer binnensluipen. Als een soort van vreemdelingen die niet zozeer verdwaald zijn, maar meer als wezens die de huiselijke sponde, voor even, hebben ingeruild. Dat er niet direct sprake is van tussen de klamme lappen duiken, heeft wel degelijk te maken met de afgelopen impressies. En dit verslag is daar voor een klein deel getuige van. Met dank aan Michael, Jeroen, Ruud en niet in de laatste plaats Jaap, dank ik jullie van harte! Auf Jägerschnitzel!