Requiem voor een dood vogeltje.

Requiem voor een dood vogeltje. De dood heeft immers iets sacraals. En dat sacrale komt eigenlijk heel direct naar voren toe wanneer in het spoorwegmuseum in Utrecht een bepaalde wagon wordt bezocht. Beladen lading. Het leed dat zich in die goederenwagon heeft voorgedaan, wordt door onbekende stemmen naar voren gebracht. Een wagon in de vele treinen die naar Westerbork gingen. Een ‘Durchgangslager’. Een opslagplaats van mensen die in dit tussenstation hun definitieve lot in Duitsland tegemoet gingen. Auschwitz-Birkenau, Bergen- Belsen, Oranienburg, Theresienstadt, Sobibor en nog vele andere vernietigings-kampen. Beelden spreken voor zich; de beelden die die onbekende stemmen oproepen liegen er niet om. Ze proberen iets van die reis naar voren te brengen in een lege wagon. Een wagon die de ander de gelegenheid biedt daar een eigen verhaal aan te gaan koppelen. En achter die lege wagon werden vele ander wagons gekoppeld. Vol met mensen. Vol met bagage, in die zin dat de bagage slechts uit handbagage bestond. En het moment waarop de schuifdeuren gesloten werden. Licht hooguit door wat kieren dan wel gaten in de houten wanden naar binnendrong. En mensen in grote mate van doodsangst, op een ander moment in hun lot berusten. De weg naar de dood. Gaskamers en niet veel later de lijken door anderen werden verwijderd: de schoorsteenpijpen van de crematoria die dag en nacht hun zwarte rook aan het zwerk toevertrouwt…


IMG_5970
En dan de stad Utrecht in. Een rondje rond de kerk waar een beeld staat. En op de sokkel van dat beeld ligt een vogel. Een dode vogel. Een lijster waarschijnlijk. En juist die dode vogel, die veronderstelde lijster dwingt mij als het ware tot het schrijven de dit bericht. Die vogel is, in zekere zin, vrij. Vogelvrij. En door dat vogelvrije ontstaat dit requiem. Een requiem voor een dode vogel, die verder reikt dan die vogel alleen: een lege wagon.


IMG_5973 (1)


IMG_5974 (1)