ZIJn
Soms staat de titel haaks op de inhoud van wat volgt. Vaak is de titel ook bijna vanzelf haaks komen te staan.
Het heeft ook veel weg van de wijze waarop woorden zich manifesteren. Of de manier waarop een zeker
gevoel zich laat omschrijven dan wel de onzinnigheid van een bestaan zich laat duiden. Als variant op die
ondraaglijke lichtheid. Want die titel blijf ik bovenal geniaal vinden. Omdat hierin terug te lezen valt hoe
het aardse tranendal voor de meerderheid verloopt. Waar ik mij dan maar voor mijn gemak onder schaar.
Het merendeel der mensheid.
Dat betekent zoals het hier zo staat dat het niet een en al treurnis is. Het betekent meer zoiets als de
momenten van de pareltjes gelardeerd met glanzende kralen, dan wel stenen knikkers om de accenten
aan te geven. De glans die zich geregeld wat mat manifesteert en waarin een mate van weemoed een rol
zou kunnen spelen. De kommer en de kwel die het af laat weten dan wel de kwel die de kommer doet vergeten.
Verdriet en de plaaggeest die dan opduikt. Het lastig vallen en het voor de ander minder draaglijk maken.
Bijvoorbeeld van dat bestaan. Of van het leven. Met alle verstrekkende gevolgen van dien.
Maar op een dag als vandaag is dat niet geheel zuiver. Juist op de dag van vandaag zou ik juist niet willen
somberen. Daar is dan ook geen reden toe. Want zesentwintig jaar is niet iets zomaars. Zesentwintig jaar
en de paden en wegen die zijn afgelegd, de heuvels die uitdagend wenkten en de dalen die zich voordeden.
De klim omhoog en de terugtocht. Want ik noem dit liever een terugtocht dan een terugval. Omdat juist
tijdens een terugtocht de beleving geheel anders is. Mogelijk wat moeizamer maar meer nog veel bewuster.
Ook al is kommer dan je handlanger. En is de kwel de plaaggeest die iedere keer opnieuw stootjes weet te
geven. Stoten weet te geven. En niet schroomt om je dan heel hatelijk uit te lachen. Een plaaggeest die je
uitdaagt en waar je kwaad op wordt! En dat ook nog eens terecht is! En je daardoor groeit. Al zou je dat in
eerste instantie niet zeggen. Ook niet zien. Omdat de kleur die voor je ogen schittert heel anders doet
vermoeden. De waas waarachter het geheel verborgen gaat. Zich schuilhoudt en wacht op andere tijden.
Het heeft ook veel weg van de wijze waarop woorden zich manifesteren. Of de manier waarop een zeker
gevoel zich laat omschrijven dan wel de onzinnigheid van een bestaan zich laat duiden. Als variant op die
ondraaglijke lichtheid. Want die titel blijf ik bovenal geniaal vinden. Omdat hierin terug te lezen valt hoe
het aardse tranendal voor de meerderheid verloopt. Waar ik mij dan maar voor mijn gemak onder schaar.
Het merendeel der mensheid.
Dat betekent zoals het hier zo staat dat het niet een en al treurnis is. Het betekent meer zoiets als de
momenten van de pareltjes gelardeerd met glanzende kralen, dan wel stenen knikkers om de accenten
aan te geven. De glans die zich geregeld wat mat manifesteert en waarin een mate van weemoed een rol
zou kunnen spelen. De kommer en de kwel die het af laat weten dan wel de kwel die de kommer doet vergeten.
Verdriet en de plaaggeest die dan opduikt. Het lastig vallen en het voor de ander minder draaglijk maken.
Bijvoorbeeld van dat bestaan. Of van het leven. Met alle verstrekkende gevolgen van dien.
Maar op een dag als vandaag is dat niet geheel zuiver. Juist op de dag van vandaag zou ik juist niet willen
somberen. Daar is dan ook geen reden toe. Want zesentwintig jaar is niet iets zomaars. Zesentwintig jaar
en de paden en wegen die zijn afgelegd, de heuvels die uitdagend wenkten en de dalen die zich voordeden.
De klim omhoog en de terugtocht. Want ik noem dit liever een terugtocht dan een terugval. Omdat juist
tijdens een terugtocht de beleving geheel anders is. Mogelijk wat moeizamer maar meer nog veel bewuster.
Ook al is kommer dan je handlanger. En is de kwel de plaaggeest die iedere keer opnieuw stootjes weet te
geven. Stoten weet te geven. En niet schroomt om je dan heel hatelijk uit te lachen. Een plaaggeest die je
uitdaagt en waar je kwaad op wordt! En dat ook nog eens terecht is! En je daardoor groeit. Al zou je dat in
eerste instantie niet zeggen. Ook niet zien. Omdat de kleur die voor je ogen schittert heel anders doet
vermoeden. De waas waarachter het geheel verborgen gaat. Zich schuilhoudt en wacht op andere tijden.
Die zich niet veel later voordoen. Maar waarvan de hoop dat het eerder zou zijn, in vergetelheid schuil gaat.
Omdat de dingen gaan zoals ze gaan. Zoals de dingen bedoeld zijn. En dat dan ook weer goed is.
Mijmeren met een overvloed aan weemoed. Het plekken van herinneringen. Het overdenken van wat is.
En mogelijk had kunnen zijn. Of in andere posities had moeten zijn. Er nu pas is. Er nooit eens was.
Of wat nooit geweest is. De teleurstelling. Het af laten weten. De veronderstellingen. De vooronderstellingen.
En de daaraan gekoppelde keuzes. Want kiezen maakt deel uit van dit grotere geheel. Waar de consequenties
niet altijd zichtbaar zijn. Zich ook niet altijd laten raden, laat staan zijn te voorspellen. Waarin de gokkans
tot nul is gedecimeerd. En er eigenlijk niemand is die weet te klagen. Omdat er weinig te klagen is.
En de persoon die het klagen aan zou kunnen horen er niet is. Of geen thuis geeft.
Een overdenking en een pas op de plaats. Een moment voor mezelf en gekoppeld aan een ander.
Een bepaald ander. Aan Ellen. Want Ellen is jarig vandaag. En zij viert dit met zichzelf.
En ik vier met haar mee. Op mijn manier. En dat is via hier.
Van harte en meer dan dat: een dikke zoen van mij erbij!
Omdat de dingen gaan zoals ze gaan. Zoals de dingen bedoeld zijn. En dat dan ook weer goed is.
Mijmeren met een overvloed aan weemoed. Het plekken van herinneringen. Het overdenken van wat is.
En mogelijk had kunnen zijn. Of in andere posities had moeten zijn. Er nu pas is. Er nooit eens was.
Of wat nooit geweest is. De teleurstelling. Het af laten weten. De veronderstellingen. De vooronderstellingen.
En de daaraan gekoppelde keuzes. Want kiezen maakt deel uit van dit grotere geheel. Waar de consequenties
niet altijd zichtbaar zijn. Zich ook niet altijd laten raden, laat staan zijn te voorspellen. Waarin de gokkans
tot nul is gedecimeerd. En er eigenlijk niemand is die weet te klagen. Omdat er weinig te klagen is.
En de persoon die het klagen aan zou kunnen horen er niet is. Of geen thuis geeft.
Een overdenking en een pas op de plaats. Een moment voor mezelf en gekoppeld aan een ander.
Een bepaald ander. Aan Ellen. Want Ellen is jarig vandaag. En zij viert dit met zichzelf.
En ik vier met haar mee. Op mijn manier. En dat is via hier.
Van harte en meer dan dat: een dikke zoen van mij erbij!
VOORSPOED
Een gebied waarin te jagen
zo gewoon was dat het
jachtig jagen naar geluk
de karrenvrachten rampspoed
onheil en rampzaligheden
het wezen mens wel overkwam
het wezen mens niet lang
bij stilstond in het gebied
van jachtig jagen op geluk.
En de voorspoed” Een kwestie van er doorheen gaan lezen!
Laatste 15 Reacties